49. Week--zacht.

_Niet hard._

~Week~ duidt aan, dat iets gevoelig is voor indrukken: de _weeke_ klei;

een _week_ gemoed.

~Zacht~ stelt meer het aangename gevoel, dat de aanraking geeft, op den

voorgrond: het _zachte_ fluweel, een _zacht_ gemoed (d.i. aangenaam in

den omgang).

* * * * *

Een -- windje lispelde door de bladeren.

Ik wist niet, dat hij zoo -- van hart was, zoodat hij geen lijden kan

zien.

»En Neerlands -- grond hijgde onder 't wicht van wee."

Wij hebben dit jaar een -- winter gehad.

De boter is door de warmte erg -- geworden.

Een dokter moet niet --, wel -- van gemoed zijn.

Keur van Nederlandsche Synoniemen Ten gebruike bij de studie voor de hulp- en hoofdacte en op inrichtingen voor M.O. · 第 58 / 279 题