9. Openbaar--openlijk.

_Voor _of_ in het algemeen._

~Openbaar~ is datgene, wat voor ieder open is, waarvan niemand is

uitgesloten. Een _openbare_ vergadering; een _openbare_ wandeling.

Verder duidt het woord aan, dat iets vanwege de regeering is opgericht

of daartoe behoort: een _openbare_ school, een _openbare_ betrekking.

~Openlijk~ wijst aan, dat iets niet in 't geheim geschiedt, dat het dus

voor niemand behoeft verborgen te worden. _Als gij niet betaalt, zet ik

uw naam ~openlijk~ in de courant._

Het tegengestelde van openbaar is: particulier, besloten; van openlijk:

in 't geheim, bedektelijk.

* * * * *

Ik zei hem -- de waarheid.

Wanneer men in een -- vergadering iemand iets in het oor fluistert,

zegt men dat niet --. En wanneer men in een gesloten bijeenkomst iets --

mededeelt, wil men dat nog niet altijd in het -- herhalen.

De zaak zal in een -- vergadering behandeld worden.

Ik zal u -- zeggen, hoe ik er over denk.

De uitslag der vredesonderhandelingen werd door de Regeering -- gemaakt.

Van alle -- gebouwen waaide de driekleur.

Van der Duyn van Maasdam, Hogendorp en Van Limburg Styrum, in stilte

werkzaam voor de bevrijding, hielden zich gereed om ook -- op te treden,

zoo ras het gunstig tijdstip zou komen.

Wat verstaat men onder het -- Ministerie?

Keur van Nederlandsche Synoniemen Ten gebruike bij de studie voor de hulp- en hoofdacte en op inrichtingen voor M.O. · 第 17 / 279 题