Vooraf zij opgemerkt, dat de cijfers naar Socins uitgave en niet meer
naar de vertaling verwijzen.
De vertaling in proza, welke ik soms toevoeg, is die volgens den
tekst van Socin, tenzij het tegenovergestelde gezegd wordt.
1
thenden wordum wéold wine Scyldinga,
leóf land-fruma lange âhte. 30-31.
Zoolang over de woorden ('t bevel) beschikte de vriend der
Schyldings,
de lieve landvorst lang (het gezag) bezat.
Deze plaats heeft tot veel geschrijf en gewrijf aanleiding gegeven.
Heyne zoekt het ontbrekend voorwerp van âhte uit wordum weóld van
het vorige vers op te maken en vult aan: geweald, gezag.
Cosijn verandert lange âhte in lange thrâge: langen tijd.
Regel 31 is dan eene voortzetting van «de eerste gedachte, dat de
wine Scyldinga reeds tijdens zijn leven de noodige beschikkingen voor
zijne begrafenis genomen had. Daaraan werd vastgeknoopt de mededeeling,
dat die regeering langen tijd geduurd heeft.»
Dat nochtans Heynes «kühne Construction door geen enkel voorbeeld
gestaafd wordt» kan ik niet zoo grif aannemen. Vgl. v. 1003:
Nô thät ydhe bydh tô befleónne «dat zal niet gemakkelijk zijn te
ontvluchten,» waar thät op een zelfst. naamw. dood moet slaan, dat
uit voorafgaand aldres or-wêna is op te maken.
Nochtans geef ik toe, dat op eene verminkte plaats als deze laatste
niet veel te bouwen is.
Andere verklaringen, b. v. die van Rieger, Bugge en Kluge, laat ik,
daar zij mijn bestek te buiten gaan, in het midden.
2
Thâ wäs on burgum Béowulf Scyldinga,
leóf leód-cyning, longe thrâge
folcum gefraege. 53-55.
Toen was op den burcht der Schyldingen Beowulf,
de lieve volkskoning, langen tijd
den volken vermaard.
Beowulf leefde langen tijd op zijnen burcht en niet: hij was langen
tijd vermaard, alsof hij het nu niet meer was.
lange thrâge bepaalt beter wäs dan gefraege, daarom plaats ik een
komma na thrâge.
3
sibbe ne wolde
widh manna hwone mägenes Deniga
feorh-bealo feorran, feó thingian. 154-56.
Uit vriendschap wilde hij niet
tegenover iemand van de macht der Denen
het levenseuvel verwijderen, voor geld bijleggen.
sibbe is instrumentalis. Nochtans is de vriendschap eerder het gevolg
der verzoening dan wel de oorzaak.
Daarom komt Bugges verklaring, die sibbe als voorwerp beschouwt van
wolde en een komma plaatst na Deniga, mij aannemelijker voor.
4
nê thaer naenig witena wênan thorfte
beorthre bôte tô banan folmum. 157-58.
Ik vertaal: