'n Paar dagen later zei Wouter aan tafel: "Vader, ik wou u van avond
graag nog even spreken."
"Goed, jongen, best...." bromde de oude man, weer met dat vergenoegde
gezicht even.
Wim en Anna waren er niet.
En hij ging weer naar boven en ze praatten weer een uur, maar toen hij
beneden kwam, keek hij erg bedrukt. Zijn vrouw kwam naar hem toe. "Wat
is er?" vroeg ze gejaagd.
"Hij wil weg!.... Naar de Transvaal!...."
Toen sloot ze de oogen en zonk neer op 'n stoel .... en lang bleef ze
dof snikkend zoo zitten.
"Hij sprak over 't geld voor de reis," zei Rubrecht nog, .... nou dat
kan hij krijgen natuurlijk...."