GEKWELD DOOR DUIVELS.

De jonge avonturier begon dadelijk te informeeren naar zijne

bloedverwanten, en zoo hoorde hij, dat zij de rijkste en machtigste

personen uit de republiek waren. Hij vroeg den weg naar hun woning,

waar hij allesbehalve vriendelijk ontvangen werd, te meer, daar

hij er vreeselijk slordig en verwaarloosd uitzag. Maar daar hij

ervoor gezorgd had, dat het bekend was, dat hij een familielid was,

konden zij hem moeilijk de deur wijzen. Op zekeren avond ontmoette

hij een eerwaardigen ouden man, die hem vertelde, dat hij zijn vader

gekend had, en dat hij verontwaardigd was over de wijze, waarop zijn

familie hem behandelde; daarom bood hij hem aan, bij hem zijn intrek

te nemen. Zonder hem iets te eten te geven, zond hij hem dadelijk

naar bed, waar de ongelukkige jongen niet kon inslapen van den

honger. Voordat hij zich ter ruste begaf, zeide de oude man hem, dat

het in de kamer, waarin hij zich bevond, spookte. Hongerig en onrustig

lag Guzman wakker, toen tot zijn groote ontsteltenis vier duivelsche

gestalten de kamer binnentraden en hem uit zijn bed sleepten. Zij

smeten hem in een beddelaken, en zwaaiden hem zóó hevig heen en weer,

dat hij telkens tegen de zoldering aanvloog, totdat zij uitgeput door

de inspanning, hem weer in zijn bed gooiden, waarna zij de kamer

verlieten. In den vroegen morgen verliet Guzman, stijf, pijnlijk

en terneergeslagen het huis, maar hij zwoer een duren eed, nooit

te zullen vergeten, hoe schandelijk zijn familie hem behandeld had,

en dat hij zich bij de eerste de beste gelegenheid zou weten te wreken.

Legenden en Romances van Spanje · 第 157 / 165 题