HOOFDSTUK VIII: »CALAYNOS DE MOOR«, »GAYFEROS« EN »GRAAF ALARCOS«.

Ik neem deze drie romances te zamen in dit hoofdstuk, niet alleen

omdat zij blijkbaar bij het publiek van het Oude Spanje in zulk

een hooge gunst hebben gestaan, maar ook, omdat zij een juister

beeld geven van den smaak en de gezindheid der bevolking, dan andere

romances van dezelfde soort; wanneer zij tenminste niet op zichzelf

een afzonderlijke groep vormden, wat ik altijd verondersteld heb op

grond van het feit, dat in alle Castiliaansche verhandelingen over

de romance, deze drie gedichten te zamen worden vermeld. Hieruit

meen ik te mogen opmaken, dat deze drie romances een eigen genre

vertegenwoordigden. Zij ademen dien geest van ernst en strengheid,

die zoo kenmerkend is voor de zuiver Spaansche letterkunde, en

tenminste in één dezer drie gedichten vindt men zoo duidelijk de

atmosfeer van groote droefheid en van wreedheid, die slechts wordt

opgewekt door Latijnsche en Grieksche treurspelen. Want zelfs niet

de grootste meesters van het Noorden, Marlowe noch Massinger, Goethe

noch Shakespeare, zijn er in geslaagd, met zulke sombere kleuren hunne

tooneelen af te schilderen, als de Spanjaarden Calderon of Lope dat

hebben gedaan.

Legenden en Romances van Spanje · 第 98 / 165 题