Dat er ook andere Cantares zijn, die van den Cid verhalen, weten
wij door de onderzoekingen van Señor Don Ramón Menéndez Pidal,
die bewezen heeft, dat één ervan is opgenomen in de oudste uitgave
van de Crónica General, waarvan blijkbaar drie exemplaren bewaard
zijn gebleven, dateerende uit verschillende tijdperken. Wij weten
nu ook, dat het gedeelte, waarvan hier sprake is, niet zooals men
vroeger meende, afkomstig is van de Poema zooals wij die kennen. De
gedeelten over den Cid in het tweede exemplaar van de Crónica zijn
ook overgenomen uit een anderen Cantar van den vereerden held, bekend
als de Crónica Rimáda, of Cantar de Rodrigo, dat waarschijnlijk het
werk was van een juglar uit Palencia, en blijkbaar een mengelmoes
van verschillende verloren Cantares over den Cid, zoowel als van
andere Spaansche volksoverleveringen. Dit exemplaar dateert echter
uit een lateren tijd dan de Poema en is vooral belangrijk omdat er
verscheiden overleveringen van den Cid en oude volksverhalen van
Spanje in zijn opgenomen.