Ik weet niet of gy 't genoeg vindt, o Kiezers, maar ik vind het
veel! En ik verzeker u dat de bevolking daar-ginder 't ook nog-al
veel vindt. Er zyn volstrekt geen beginselen van staathuishoudkunde
noodig--eerste beginselen, natuurlyk: 't blyven altyd eerste--om
te begrypen dat het voordurend afnemen van die duizend millioenen
niet geschikt is om de bevolking van UW Nederlandsch-Indie gunstig
te stemmen voor uwe lasthebbers die dat afnemen mogelyk maken, noch
voor u, Kiezers, die 't benoemen van zulke lasthebbers toelaat.
We zyn alzoo genaderd tot de toepassing onzer preek.
Maar laat ons nog eenmaal vaststellen, wat we nu als vastgesteld
kunnen aannemen:
Nederland heeft Indie noodig.
Nederland moet dus trachten Indie te behouden.
Daartoe is 't 'n vereischte, dat de bevolking van Indie dat Nederland
'n goed hart toedrage.
Dit doel wordt niet bereikt, zoolang elke nieuwe Gouverneur-Generaal
die bevolking te-staan komt op Duizend millioen schats ... en wat
bloed. Maar 't bloed ga ik voorby, omdat ik begryp met u te moeten
spreken over "zaken".
Het is dus uw belang, te zorgen dat zoo'n Gouverneur-Generaal
wat goedkooper wete huis-te-houden met de bezittingen van die
bevolking. Dit in de veronderstelling dat ge 't met my ééns zyt,
dat duizend millioen genoeg is ... of te veel! Zoo niet, dan heb ik
niets meer te zeggen, en ge kunt de toepassing overslaan.
En die toepassing?
Als ge u eens bemoeidet met uw zaken, o Kiezers?
Als ge eens personen naar de Kamer zondt, die ...
Ik heb 't u meer gezegd, maar ge hebt er niet op gelet. Misschien
omdat ik 't wat eenvoudig zei en geen vertellingen vastknoopte aan
m'n eenvoudigheid.
Ziehier hoe ik 't eenmaal gezegd heb:
«Ik geloof dat er 'n man noodig is van studie, maar niet van studie
alleen. Een man van praktyk, doch niet alleen van praktyk. Een man
die het volk in Indie kent, die daaronder en daarmede geleefd heeft,
die tevens echter genoeg man van wetenschap is om niet door z'n
praktische richting geleid te worden op bloot empirisch gebied. Een
man die het goede voorstaat door het streven naar waarheid. Iemand
die, gebonden noch door systeembanden, noch door menschenvrees, noch
door zucht om Ministers te believen, durft en kan aantoonen hoe diep
de wonde is, die er kankert aan ons Staatsbestuur. Iemand eindelyk,
die ondervinding heeft, bekwaamheid, moed, en, dit vooral: een man,
die 'n HART heeft! [59]
Hart! Ja... Les grandes pensées viennent du coeur!
Kiezers, als men eens trachtte iemand te vinden, die hart heeft?
Als ge eens daaraan de voorkeur gaaft boven de byzondere
achtenswaardigheid... die niet spreken kan?
boven de gaven van 't spreken dergenen, die niets te zeggen hebben,
omdat ze niets weten?
boven 't weten van zoovelen die 't goede niet willen, omdat het kwade
hun voor 't oogenblik beter te-stade komt?
boven het willen zelfs van de meesten, die niet geboren zyn om hun
wil doortedryven?
boven 't advokatengewawel?
boven die studie van parlementaire vormpjes?
boven de kunst om stemmen te verzamelen door 'n soort van
ruilhandel.... dat is: boven infame verkrachting van eed en plicht,
zoo-als dagelyks in de Kamer gebeurt? [60]
boven de zekerheid dat "die persoon met de meeste
onpartydigheid--komiek!--met de meeste onpartydigheid de belangen
zal voorstaan van uw district?" [61]
boven de gehechtheid aan 'n party... dat is: aan een der beide cliques,
die by afwisseling den Javaan uitzuigen op liberale of behoudende wyze?
boven de aanbeveling van de redaktien der dagbladen, die wèl zouden
doen hun pretentie op 't leiden der publieke opinie te verruilen
tegen wat degelykheid, wat kennis, en wat styl?
boven de problematieke bekwaamheden van lieden die niets of weinig
geweest zyn?
boven de positieve ònbekwaamheden derzulken die wèl wat geweest zyn,
maar nooit iets hadden moeten wezen?
Ziet, Kiezers, hoe zou 't zyn, als ge in-plaats van dit alles, eens
iemand afvaardigde naar den Haag, die in 't bezit was van wat hart?
Iemand, die in dat hart inspraak, taal en toon vond, om tot de
ministers te zeggen:
"ik gedoog niet langer dat ge het Hollandsche volk deelgenoot maakt
aan dat geknoei, aan dien perpetueelen broedermoord?"
Iemand, die op de klacht over 't voorbyzien van parlementaire vormen
durfde antwoorden: "dat ook de Javaan vormen kent, die verbieden dat
hy zich straffeloos laat villen?" "Dat het evenmin past, in welken
zoogenaamd-staatkundigen vorm ook, daarginder gedurig te zaaien, om
hier te oogsten... dáár te doen arbeiden, om hier te genieten... dáár
te laten lyden, om hier te zwelgen... dáár te moorden, om hier in
leven te blyven?"
Iemand, die zoo-iets zou weten te zeggen op 'n toon, die wat ontzag
inboezemde aan de kleine mannen van parlementaire vormpjes? Zóó,
dat het gehoord werd, en verstaan, en begrepen ook buiten de Kamer?
Iemand, die de ledige hand kan uitstrekken, met de betuiging:
"ziet... aan deze hand kleeft het bloed niet!"
Iemand, die de ledige zakken zou kunnen omkeeren, en daarby uitroepen:
"ziet... niet hier vindt gy 't gestolen erfdeel onzer verslagen
broeders!"
Iemand, die de vraag durft opperen: MOET NEDERLAND EEN ROOFSTAAT
BLIJVEN?
Iemand eindelyk, die wat meer was dan gewezen Gouverneur-Generaal
of Minister, of rykgeworden oudgast met ter-juister-tyd geboren
principes! Iemand die niet vereerd werd of verheven door 't innemen
eener plaats naast al die "geachte sprekers." Iemand die de Kamer
vereerde door z'n kortstondig lidmaatschap...
Kortstondig... ja! Want, gelooft me, Kiezers... zóó-iemand zou niet
heel lang lid willen blyven van uwe glorieryke Vertegenwoordiging,
wat men dan ook van zoo-iemand niet vergen mag.
Want vervelend is 't in uw kamer... dit zult ge toegeven! Zou 't waar
zyn, dat de Keizer van Rusland uw afgevaardigden subsidieert om Europa
te doen walgen van den parlementairen regeeringsvorm? Men zegt het. En
als 't waar is, moet men erkennen dat die Keizer behoorlyk bediend
wordt voor z'n geld... of neen, 't helpt niet! Europa komt het niet
te weten. Want--en dit is van treurige beteekenis--men geeft zich in
Europa de moeite niet, te onderzoeken wat er gesproken wordt door uwe
"geachte sprekers" die niet verstaan worden.
Kiezers, ik stel u ernstig voor, u eens te bemoeien met uw zaken.
Daar ge in-den-regel nog al op uw belang let, en wellicht veronderstelt
dat ieder aan u in dit opzicht gelyk is, eindig ik met de verzekering:
dat ik geen woord tot u heb gesproken in myn belang.
Integendeel!
Myn belang is, dat ge u by voortduring niet bemoeit met uw zaken.
Dat ge ministers, dagbladen, residenten, Gouverneurs, en tutti quanti
laat huishouden naar hartelust...
Dat ge Gouverneurs-Generaal naar Indië zendt, die niets geweest zyn,
om 'n proef te nemen of ze iets worden kunnen, en wel ter vervanging
van anderen, by wie gelyke proef totaal mislukt is...
Myn belang is dat ge voortgaat den Javaan te mishandelen tot hy
opstaat....
Myn belang is dat ge u vòlzuigt aan welvaart.... òvervol... méér dan
vol... tot ge berst!
En hiermede neem ik voorloopig een allerhartelykst afscheid, in de
welgemeende hoop dat ik me nooit zal laten verleiden tot de wanhopige
poging om u iets aan het verstand te brengen, waartoe noodig wezen
zou... ik groet u!
P.S. Wanneer misschien myn schryven niet naar uw zin is, bedenkt dàn
dat ik eigenlyk niet aan U schryf. 't Is me volkomen onverschillig
hoe ge myn geschryf beoordeelt. Spaar u gerust de moeite van dit
oordeel. Geloof dat uw afkeuring me byzonder vereert, en dat ik walg
van uw lof. De eisch voor my is alleen later aan de Javanen en aan
Europa te kunnen toonen dat ik u gewaarschuwd heb. Waarvan ik akte
neem by dezen.