VAN TINE.

Hierby tien franken, en Fancy's brief dien ik gelezen heb.

Ga tot haar, en vraag vergeving. Dit moet ge doen, dit zult ge doen. Gy

kunt niet leven zonder Fancy. Haar afwyzen is zelfmoord, Max!

Ik maak haast om de tien franken. Geef die aan de meisjes die voor u

gezongen hebben, en laat ze den bon op Insulinde maar houden bovendien.

O, De Pène heeft gelyk... c'est un emploi assez difficile que d'être

la femme d'un poète! [5]

Want toch zyt ge een dichter, Max, al wilt ge 't niet weten! Nu, nu,

ik klaag niet, en ik zal 't niemand zeggen. Wanneer komt ge eens weer

hier om me te slaan? Maar Fancy gaat vóór, dit beken ik. Zonder my

zoudt ge kunnen leven, zonder haar... nooit!

Dag lieve dwaze ondeugende dichter!

Minnebrieven; Over Vrijen-Arbeid in Nederlandsch Indië; Indrukken van den dag · 第 11 / 125 题