De onwetende Lieden imageneren haer ſelven in vreemde dingen.
Wanneer ick woonde by mijn Patroon Mahomet Celibi Oiga, op ſeeckere
Avondt wanneer mijn Patroon ſlapen was gegaen en de Deure gheſloten;
Soo als ick woonde boven de ſtal die geſepareert was van het Huys af
ghelijck ick in het diſcours van mijn Reyſe verhaelt hebbe, was ick
gewoon te gaen ſpreecken ende praten met vier Chriſten Slaven inde
buyrt: De drie waren Spaignaerts, ende de vierde een Hamburger, die
niet een woordt Spaens konde. Het gebeurde dat wanneer wy een Pijp
Toeback namen, de Spaignaerts begonnen onder haer volghens haer
gewoonte te diſcoureren van de Regieringe vande Croon van Spaignen,
ende haer diſcours duerde de tijdt van drie uyren, ofte daer ontrent.
De Hamburger die niet een woordt ſprack, maer acht nam op de geſten
ende bewegheniſſen vande Handen der Spaignaerts, liet ſich inbeelden
dat wy ſpraecken van een entrepriſe om ontrent midden inde Nacht wegh
te loopen: Ick ſeyde de Spaignaerts goeden Avont, haer wenſchende
vryheyt, ghelijckmen onder Slaven ghewoon is te doen: Daer na rees ick
op om my te retireren. Den Hamburger ſonder meer ſich te informeren,
vatte mijn by de Beenen, ende begon in ’t Hooghduyts te ſweren, ende te
ſegghen; Ghy ſult ſonder my niet gaen, ende alwaer gy u leven ſult
hazarderen, ſal ick mijne mede avonturen. Ick hebbe menighmael mijn
leven in meerder perijckel gheſtelt. De Spaignaerts die dit uytroepen
ſagen, ſonder een woordt te verſtaen dachten voor ſeecker dat den
Hamburgher ſot ofte uytſinnigh was gheworden. Ick ſeyde hem dat vvy van
die ſaecken niet geſproken hadden: Hy antvvoorde my: Ick hebbe u
voornemen ghenoeg ontdeckt, blijvende vaſt ſtaen in ſijn opinie: ’t
vvelck ſiende ſeyde ick het de Spaignaerts, haer verklarende de groote
begeerte die den Hamburger hadde om ſijn vryheydt te hebben: Het vvelck
vvy conſidererende, mitſgaders de jammerlijcke ſtaet vanden Hamburger,
vvaren vvy voorvvaer daer over ſeer bedroeft, als ſieck ſijnde van de
ſelfde ſieckte: Ick ſeyde hem dat de Spaignaerts blijde vvaren ſijn
reſolutie te ſien, ende indien ſy yets ſouden moghen voornemen, datſe
hem voor een compagnon ſouden aennemen. Hebbende met ſoodanige vvoorden
ende beloften den Hamburgher vertrooſt, retireerde ick my na mijn
logement, conſidererende de vreemde impreſſien van die ghenen vvelcke
niet en verſtaen ’t gene ſy hooren.