STEPHANO _komt op._

LORENZO:

Wie komt zoo snel in 't stille van den nacht?

STEPHANO:

Een vriend.

LORENZO:

Een vriend? wat vriend? uw naam, ik bid u, vriend?

STEPHANO:

Mijn naam is Stephano, en 'k meld u dat

Mijn meesteres voor 't krieken van den dag

Te Belmont zijn zal: nu nog doolt zij rond

Langs heil'ge kruisen, waar zij knielt en bidt

Voor een gelukkig huw'lijk.

LORENZO:

Wie is bij haar?

STEPHANO:

Haar dienstmaagd en een heil'ge kluizenaar.

Ik bid u, is mijn meester reeds terug?

LORENZO:

Neen, en wij hebben niet van hem gehoord.

Maar gaan wij binnen, 'k bid u, Jessica,

En laat ons hoffelijk een welkomstgroet

Bereiden voor de meesteres van 't huis.

De Koopman van Venetië: Drama in vijf bedrijven · 第 74 / 79 题