Leg een draad in sterke pekel, laat hem drogen, en herhaal dit twee
of drie maal. Als ge deze bewerking vooraf verricht hebt, kunt ge
den draad gerust aan de toeschouwers laten zien, daar hij er geheel
als een gewone draad uitziet.
Hang er een ring aan, die zoo licht mogelijk moet zijn, en steek den
draad aan, die geheel zal wegbranden; de toeschouwers zullen dan tot
hunne verbazing zien, dat de ring aan de asch blijft hangen. Inderdaad
zijn wel de vezels, waaruit de draad bestond, verbrand, maar er blijft
een draad van zout over, die sterk genoeg is om den ring te dragen,
als er geen tocht is.
Deze proef kan aldus gewijzigd worden:
Maak een soort van hangmat van een rechthoekig stukje neteldoek,
waaraan ge aan de vier punten een draadje hebt gebonden, drenk de
draden, en het neteldoek weer eenige keeren met pekel en laat alles
drogen.
Hang nu de hangmat op, zooals de figuur aanwijst, en leg er eene
ledige eierschaal in.
Steek de hangmat aan, zij zal even als de draden verbranden, en als
de proef goed voorbereid is, zal het ei tot groote verbazing der
omstanders blijven hangen.