Maak in den bodem van eene groote uitgeholde kurk een gaatje, en
bevestig daarin een halm van roggestroo ter lengte van omstreeks 40 cM.
Aan het andere einde van dien stroohalm, in A (zie de afbeelding rechts
op de teekening), maakt ge met lak een dwarsstrootje vast, waarin
op het midden een gaatje is gemaakt, om beide buizen met elkander in
verbinding te stellen. Sluit de dwarsbuis aan de einden met lak en maak
daarin, dicht bij de beide uiteinden aan twee tegenovergestelde zijden
een gaatje, waartegen ge een paar strootjes van omstreeks 2 cM. lengte
met een weinig lak bevestigt; deze dienen voor uitstroomingsbuizen. Zij
moeten schuin afgesneden worden, om de uitstrooming van de lucht en
dientengevolge de afvloeiing van de vloeistof te bevorderen.
Verbind de kurk met drie draadjes aan een metalen schijfje, bijv. een
knoop, hang dezen aan een draad op, die door het middelste gaatje van
den knoop gaat, en vul de kurk nu met water of houd ze onder een dun
waterstraaltje: het water zal door de uitstroomingsbuizen wegvloeien,
en daar de openingen hiervan naar tegenovergestelde zijden gericht
zijn, zal de geheele toestel met groote snelheid in de richting der
pijltjes gaan draaien; dit wordt veroorzaakt door de drukking (reactie)
van het water tegen die deelen der zijwanden van de horizontale buis,
welke tegenover de uitstroomingsopeningen liggen. Het geheele werktuig
draagt in de natuurkundige leerboeken den naam van Waterrad van Segner.
Daar de verbinding der buizen door middel van lak vrij lastig is,
kunt ge hiertoe ook drie kleine kurken gebruiken, zooals de doorsneden
op het midden van onze teekening aanwijzen.
In de middelste kurk boort ge twee gaten, die rechthoekig op elkaar
staan (zie fig. A'), en steekt daarin de vertikale buis en twee
dwarshalmen. Twee kleinere kurken (zie fig. B') bevestigen de
uitstroomingsbuizen aan de dwarshalmen.
Als stroo ons niet sterk genoeg toeschijnt, kunnen wij het vervangen
door eene dunne koperen buis, bijv. eene gordijnroede. Het uiteinde van
de buis, dat in de kurk gestoken is, wordt gedeeltelijk weggesneden
en het overblijvende omgebogen als in C'; dit wordt opgehangen aan
een ijzerdraad, om welken de toestel kan draaien.
In plaats van twee, kunt ge ook vier dwarsbuizen aanbrengen, en
ze een weinig ombuigen, zooals de teekening aanwijst, waardoor de
afzonderlijke uitstroomingsbuizen onnoodig worden.
Hang den aldus gewijzigden toestel boven de tafel, na het licht
uitgedaan te hebben; giet wat warme rum in het kurken bekertje en
steek de uitstroomende straaltjes vocht aan, dat als een vuurregen
zal neerdalen op den pudding of de omelet welke er onder staat; gij
zult eens zien, hoe verrast uwe gasten zullen zijn bij het zien van
dit vreemde vuurwerk.