Koning Prìamos, een zoon van Laòmedon, was getrouwd met Hècabe
(Hecuba), maar had buiten haar nog vele andere vrouwen; zoo had hij
vijftig zonen en vijftig dochters.
Onder zijn dochters waren Polỳxena en Cassàndra de bekendste. De
laatste, even weetgierig als schoon, won de liefde van Apollo. Toen
deze nu haar tot vrouw begeerde, verlangde zij eerst van hem de gave
der voorspelling; maar toen zij die kunst verstond, wilde zij haar
belofte niet gestand doen. De god werd boos en strafte haar woordbreuk
op vreeselijke wijze: niemand zou ooit geloof hechten aan haar
voorzeggingen. Zoo voorzag zij alle rampen, die Troje en haar
bloedverwanten zouden treffen en zij voorspelde ze geheel naar
waarheid, maar niemand sloeg geloof aan haar waarschuwende woorden en
zij werd slechts bespot en uitgelachen.
Van Prìamos’ zonen was Hector de oudste en de dapperste. Zijn vrouw
Andròmache schonk hem een zoontje, Astỳanax geheeten. Maar het meest
bekend van Prìamos’ zonen zou Paris worden, niet door zijn dapperheid
maar door het ongeluk, dat hij bracht over zijn land en over zijn
geslacht.
Reeds vóór zijn geboorte was dit aan zijn ouders voorspeld. Hècabe had
namelijk gedroomd, dat de zoon, die haar geboren zou worden, geheel
Troje in brand zou steken. Daarom had men den knaap in een woud te
vondeling gelegd, in de hoop dat hij er zou omkomen. Doch een berin had
zich over het kind ontfermd, een herder had het gevonden en meegenomen
en als zijn eigen zoon groot gebracht; Alexander had men den knaap
genoemd.
Toen Prìamos bemerkte dat zijn zoon nog leefde en een flinke jongeman
was geworden, wilde hij hem niet meer dooden, in de hoop, dat de booze
voorspelling nu niet meer zou worden vervuld. Hij nam hem tot zich en
droeg hem de zorg op voor zijn groote runderkudde. Deze hoedde Paris
juist aan den voet van den Ida, toen de drie godinnen, door Zeus
gezonden, hem kwamen bezoeken om van hem te vernemen, wie van haar de
schoonste was.
Men kan zich voorstellen, hoe vreemd Paris opkeek. Lang zat hij neer in
aarzelende bewondering; het was hem onmogelijk uitspraak te doen. Toen
wilde Hera door geloften hem overhalen, haar den appel te geven:
rijkdom en macht zou zij hem verleenen. Maar pas bespeurde Athene, dat
Paris onder den invloed dier voorspiegelingen kwam, of zij beloofde hem
wijsheid en krijgsroem, wanneer hij haar den prijs der schoonheid
toekende. En ook Aphrodìte bleef niet achter: de mooiste vrouw, die op
aarde leefde, zou de zijne worden, als hij in haar voordeel besliste.
Toen was het pleit beslecht; aan Aphrodìte reikte hij den appel. Blij
met haar succes, nam zij van nu af Paris onder haar bescherming. Maar
Hera en Athene voelden zich diep beleedigd; koning Prìamos en zijn
geheele geslacht, zelfs de stad Ilium, moesten boeten voor het oordeel
van Paris.