MELEAGER EN ATALANTA.

(OVÌDIUS, METAMORPHOSEN VIII, reg. 260 vlgg.)

In de stad Calydon regeerden koning Oineus en zijn vrouw Althea. Bij

een oogstfeest had de vorst verzuimd ook op het altaar van Artemis te

offeren. Toen zond de vertoornde godin een geweldigen ever in het land.

Hoog, als lansen, stonden de borstels op zijn lijf; de oogen schoten

vuur, en een paar geweldige slagtanden staken hem ver uit den muil. De

korenvelden werden vertrapt, de vruchtboomen vernield of verschroeid

door zijn heeten adem, het vee verminkt; angstig vluchtte men van het

land binnen de muren der steden. Nu besloot Meleager, ’s konings

dappere zoon, met een schare uitgelezen jonge mannen het monster te

dooden. Velen namen deel aan de jacht; onder hen ook een meisje,

Atalanta genaamd. Door haar vader, uit boosheid omdat zij geen jongen

was, in een eenzame bergstreek te vondeling gelegd, door een berin

gezoogd, door jagers gevonden en opgevoed, was ze een hartstochtelijke

jageres geworden. Meleager bewonderde haar en kreeg haar lief.

Negen dagen lang vermaakten zich de jagers aan het hof van koning

Oineus; op den tienden dag werd de jacht gehouden. Het dal, waarin de

ever placht te huizen, werd van alle kanten omsingeld; toen werd het

ondier opgejaagd uit zijn verborgen verblijfplaats. Woedend stoof het

op zijn belagers los; takken kraakten en braken om hem heen en de

honden, die hem in den weg kwamen, werden op zijn scherpe slagtanden

links en rechts ver weg geslingerd. Tevergeefs wierpen de jagers hun

speren; ze stuitten af op zijn borstelige huid of misten hun doel.

Zware wonden werden hun door den ever toegebracht; meer dan één van hen

zonk bloedend ter aarde. Nu echter wondde Atalanta het eerst hem met

een pijl in den nek. Toen Meleager het donkere bloed zag vloeien, wees

hij haar den prijs toe: de huid van den ever, als die geveld zou zijn.

De mannen schaamden zich en drongen nog onstuimiger op het monster aan;

maar toen er één de buik werd opengereten, durfden zij nog slechts uit

de verte hun wapens werpen. Eindelijk echter stiet hem Meleager zijn

speer midden in den rug en terwijl het dier razend in de rondte

draaide, bijtend naar de schacht, bracht hij het van dichtbij de

doodelijke wonde toe. Zijn makkers begroetten hem als overwinnaar; maar

hij zelf gaf huid en kop aan Atalanta over. Een gemompel van

ontevredenheid ging door geheel den stoet; en toen twee ooms van

Meleager, die deel hadden genomen aan de jacht, het meisje den

eereprijs trachtten te ontrukken, werd de jonge man driftig en doodde

hen beiden in de worsteling, die volgde.

Op weg naar den tempel, om er de goden te danken voor de overwinning

van haar zoon, zag Althea de lijken van haar broeders wegdragen. Toen

zij hoorde, dat Meleager de oorzaak was van hun dood, besloot zij hem

te straffen. Kort na de geboorte van haar jongen waren de

schikgodinnen, de Moiren, die ’s menschen levensdraad spinnen, meten en

afsnijden, haar kamer binnengetreden. Zij hadden een blok hout op den

haard gelegd: het knaapje zou leven, zoo lang dat blok zou bestaan. Zoo

gauw zij verdwenen waren, had de moeder het hout uit het vuur genomen,

gebluscht en zorgvuldig weggeborgen. Nu haalde ze het te voorschijn, en

gaf het, hoewel aarzelend, aan de vlammen prijs. Van een inwendig vuur

voelde Meleager plotseling zijn lichaam branden: onder heftige pijnen

zonk hij neer, en toen het houtblok geheel in asch uit elkaar viel,

blies ook hij den laatsten adem uit. Toen werd Althea door bittere

spijt toch nog bevangen; het leven werd haar, te midden van den rouw

van haar omgeving, een ondragelijke last; zelve maakte zij er een einde

aan.

Van Atalanta wordt ook wel verteld dat zij, evenals Artemis, zich had

voorgenomen, ongehuwd te blijven. Zij had daarom bepaald dat alleen

hij, die haar in den wedloop overwon, haar man zou worden, maar dat

sterven zou, wie overwonnen werd. Zij gaf dan een voorsprong en

doorboorde met haar speer de tegenpartij, die zij inhaalde. Reeds

hadden velen hun leven verloren, toen het tenslotte aan Meilanion

gelukte, de zege te behalen. Drie gouden appels, die hij van Aphrodite

gekregen had, liet hij bij tusschenpoozen vallen; Atalanta raapte ze op

en intusschen bereikte Meilanion het doel, dat voor den wedkamp was

gesteld.

Goden- en Heldensagen · 第 25 / 74 题