Een ander gedeelte van Blackheath.
Krijgsgedruisch. Beide partijen komen op en vechten. De beide Staffords
worden gedood.
CADE. Waar is Dick, de slachter van Ashford?
DICK. Hier.
CADE. Zij vielen voor u als schapen en ossen, en gij hieldt huis, alsof
gij in uw eigen slachterij waart; daarom wil ik u aldus beloonen: de
vastentijd zal nog eens zoolang duren als nu en gij zult een vergunning
krijgen om een honderdtal beesten min één te slachten.
DICK. Meer verlang ik niet.
CADE. En in waarheid, gij verdient niet minder.—(Hij doet de
wapenrusting van Sir Humfried Stafford aan.) Dit gedenkteeken van de
overwinning wil ik dragen, en de lijken zal mijn paard nasleepen, tot
ik in Londen kom, waar wij het zwaard van den mayor voor ons uit willen
laten dragen.
DICK. Als wij geluk willen hebben en wat willen uitrichten, moeten wij
de tuchthuizen openbreken en de gevangenen vrijlaten.
CADE. Weest onbezorgd; daar sta ik voor in.
Komt, allen voorwaarts, naar Londen!
(Allen af.)