Het spreekt vanzelf, dat een insect in den een of anderen toestand den
winter moet doorbrengen: als ei, larve, pop of imago. Nu zijn van elk
vele voorbeelden op te geven; we zullen er enkele opnoemen. Als ei
overwinteren de ringelrups, de witvlakvlinder, de plakker, de
bladluizen, de sprinkhanen. Veel meer insecten blijven als larve den
winter over: vele rupsen, de beerrups, de bastaardsatijnvlinder (in
nesten), larven van loopkevers, engerlingen, enz. Als pop blijven den
winter over: het koolwitje, de koninginne-page, de pijlstaarten, die
den grond in kruipen. Zeer veel dieren blijven als imago over: koningin
en werksters van de bijen, de hommel- en wespenkoninginnen,
goudhaantjes, Onze-Lieve-Heersbeestjes, atalanta, citroentje, kleine
vos, steekmuggen.
In het algemeen kunnen wij zeggen, dat de meeste groote vlinders als
rups overwinteren, een vierde deel als pop, en zeer weinigen als ei of
als vlinder. Er is dus ook hier weer groot verschil. Voor den land- en
tuinbouwer is het van het grootste belang, dat hij precies weet in
welken toestand de schadelijke insecten overwinteren; hij kan ze dan in
hun winterkwartieren opzoeken en verder onschadelijk maken.
Nu we weten, dat de insecten in verschillende toestanden overwinteren,
kunnen wij tegelijk de vraag beantwoorden: Waar komen de insecten in
het voorjaar vandaan? Insecten, die in het voorjaar uit de eieren
komen, doen niet dadelijk zooveel kwaad, als de rupsen, die overwinterd
hebben; deze vallen dadelijk aan. Als een insect overwintert als pop,
duurt het gewoonlijk nog al eenigen tijd voor de larve de planten gaat
aanvallen.
Steekmuggen blijven den winter als volwassen mug over, en daarvoor
zoeken zij kelders, gangen en waranda’s op; ook in stallen vindt men ze
dan. Als wij nu in ’t voorjaar geen last van deze muggen willen hebben,
kunnen wij ze in den winter dooden. De boomkweeker maakt in ’t vroege
voorjaar de stammen van de vruchtboomen schoon; verschillende kevers,
die in de naden zitten, worden dan verdreven of gedood. De kennis van
’t winterstadium van de insecten in dus van veel practisch belang.
Ook voor den insectenverzamelaar en den insectenkweeker is het van veel
belang, dat hij wete, hoe de insecten den winter doorbrengen. Hij kan
ze dan gemakkelijk verzamelen. Wij komen daarop nog wel terug.