DE RINGWORMEN (Annelides).
Het lichaam van de Ringwormen bestaat, zooals hun naam te kennen geeft,
uit een reeks van segmenten of ringen, welker grenzen uitwendig door
groeven zijn aangeduid. De hier voorkomende dwarsschotten dringen
meer of minder diep in de lichaamsholte door. Deze ringen stemmen in
maaksel overeen. Het aantal is onbepaald. De mond is altijd achter het
eerste of kopsegment aan de buikzijde van het mondsegment gelegen. De
meeste Ringwormen kunnen het voorste deel van het spijskanaal naar
buiten omstulpen in den vorm van een snuit, die voor 't graven of
voor 't vangen van dieren geschikt is. Dat de Ringwormen de hoogst
ontwikkelde leden van de hoofdafdeeling zijn, blijkt vooral uit den
vorm en de ontwikkelingstrap van hun zenuwstelsel, waardoor zij zich
bij de Echte Arthropoden aansluiten. In verband hiermede blinken zij
door de energie en de menigvuldigheid van hunne levensverrichtingen
boven de andere Wormen uit en naderen ook in dit opzicht tot de
hooger ontwikkelde Gelede Dieren. De klasse der Ringwormen wordt
gesplitst in twee onderklassen, die door de bewegingsorganen van
elkander verschillen. Van de eene is de Regenworm, van de andere de
Bloedzuiger een algemeen bekende vertegenwoordiger.