deel van de stad op den linker rivieroever verwoestte. Toen wij er
bijna een jaar later een bezoek brachten, waren de werklieden overal
bezig aan het herstellen en nieuw opbouwen. Het schilderachtige oude
kasteel is de hoofdbezienswaardigheid van Travnik, gelegen als het
is op een vooruitspringende rots, geeft het den indruk van het heele
dal af te sluiten. Het moet gebouwd zijn door koning Turtko I van
Bosnië en werd in de laatste helft van de vijftiende eeuw ingenomen
door de Turken, in wier handen het bleef en die hun stempel eraan
gegeven hebben in den vorm van een moskee binnen de muren. Een ravijn,
die de met het kasteel gekroonde rots van de stad scheidt, vormt een
natuurlijke gracht, waarover een brug is geslagen, die toegang geeft
tot de stad.
We gingen die brug over naar het kasteel, waarvan de poort open
stond, en traden binnen. Onze voorpost stond opeens van aangezicht
tot aangezicht met een jonge turksche vrouw, die ongesluierd
was. Als blikken hem hadden kunnen dooden, zou hij op de plek zelve
vernietigd zijn. Hiermee niet tevreden, siste de dame de eene of
andere beleediging in het Slavisch, en haar door boosheid verwrongen
gelaatstrekken sluierend, vluchtte ze in een hut. Het leek amusant
veel op een ontmoeting tusschen een kat en een hond; eerst kijken,
dan blazen en dan wegijlen. De voorpost van ons gezelschap kwam
verschrikt terug, en de vrouwelijke helft deed een hernieuwde poging
om binnen te komen, maar kreeg geen betere ontvangst van een aantal
oude turksche vrouwen in het fort. Er was intusschen niet veel te
zien, behalve dat het uitzicht zeer mooi was. Het bleek ons bij nader
onderzoek, dat de regeering aan eenige turksche dames de vergunning
had geschonken, om in de verlaten ruimten van het kasteel te wonen,
die ze nu blijkbaar beschouwden als voor haar alleen bestemd.
In Bosnië wordt op allerlei manieren het stroomende water gebruikt
voor practische doeleinden, wat pleit voor de vindingrijkheid
van het volk. Men zaagt er het hout door en laat het koren malen,
bezigt het in ijzerfabrieken, laat de huiden van het haar ontdoen en
leder zacht maken en zelfs het spit wordt erdoor gedraaid, vooral
op feestdagen, wanneer geheele lammeren zoo worden gebraden. De
mechanische inrichtingen zijn veelal primitief en van hout gemaakt,
maar ingenieus gevonden en geschikt, om aan de eenvoudige behoeften
van de inboorlingen te voldoen.
We probeerden een wandeling langs den rivieroever, maar waren nog niet
ver, of we stieten op een aantal mohammedaansche kinderen, die op een
grasveld aan het spelen waren. De jongens vlogen onder het maken van
allerlei bewegingen naar den weg en vormden een soort van barricade,
om onzen voortgang te beletten. Toen zagen we, dat ze als een scherm
moesten dienen voor een groep turksche vrouwen, die haar doeken vast
om haar gezicht trekkend, op de hielen waren gaan zitten en het hoofd
in den schoot lieten hangen. Tegenover dit zonderlinge protest van
de gehurkte groep voelden wij ons genoodzaakt terug te keeren. Het
is dwaas, op te merken, hoe zelfs het kleinste turksche jongetje
dadelijk tusschenbeide komt, als er iemand onwillens te dicht in de
buurt van vrouwen komt.
Wij keerden naar den bazar terug en liepen door de hoofdstraat, die
naar de nieuwe oostenrijksche wijk leidt, waar ook het hotel Vlasic
staat. Onderweg zagen we nog een bezienswaardigheid van Travnik, de
graven van de vroegere viziers. Het waren mooie, schilderachtige
bouwwerken, vijf-, zes- of achtkantig, met koepeldaken, iets als
pagoden. De graven liggen in het midden en doen in grootte niet onder
voor de turksche huizen voor de levenden, terwijl sommige met fraai
gekleurde deviezen waren getooid.
Een groot Jezuïetencollege, het eenige in Bosnië, is onlangs te Travnik
gebouwd. Het is voor die secte moeilijk geweest, er zich te vestigen
tegenover de oppositie van de Franciskanen, die Bosnië als speciaal hun
toekomend beschouwden. De overste en directeur was een zeer ontwikkeld
en aangenaam man, die veel belang stelde in antiquiteiten, verband
houdend met de romeinsche en turksche overheersching. Hij had er een
eigen kleine collectie van.
Wij vonden Travnik een koeler plaats in de warme maanden dan Jajce,
daar de ligging meer open is, en men er dus meer wind heeft. Wij
vertrokken met een namiddagtrein naar Serajewo en reden een heerlijk
dal binnen, open en breed, de Travnik Polje, waar de oude Romeinen
eens belangrijke vestingen hadden. De trein gaat over de Bila en volgt
de Lasva tot waar ze zich in de Bosna stort. Bij de samenvloeiing der
beide rivieren begint een romantische kloof vol rotsen van grillige
vormen met watervallen en stroomversnellingen ertusschen, waarop men
een goed gezicht kreeg, toen de spoorweg langs den rechteroever reed
van Lasva naar Gora.
Er zijn twee gemakkelijk te bereiken zomerverblijven voor het vreemde
element in Serajewo, één in het Oosten Palé, en één in het Zuidwesten,
Ilidze. Het eerste is tot heden nog zeer weinig ontwikkeld, maar zal
ten slotte zeker populair worden. Het ligt ongeveer twaalf mijlen
van Serajewo en op een hoogte van zoowat 1000 voet boven het niveau
der zee. Het is het eerste station op de nieuwe lijn naar Plevlje in
de turksche provincie Novibazar, die op het laatst van 1904 pas voor
den handel is opengesteld.
Als zomerverblijf werd Palé het eerst onder de aandacht gebracht door
den engelschen consul-generaal, die negen of tien jaren geleden zich
er een villa bouwde te midden van zijn eigen bosschen. De villa,
stevig gebouwd van steen, met hout overdekt, ziet er min of meer
uit als een zwitsersch châlet. Zij staat op een hoogte in het hart
van het dennenbosch, waar de weg dwars doorheen is aangelegd. In de
buurt zijn nog een paar villa's en de kazerne van een oostenrijksche
troepenafdeeling. Het dorp zelf, een jonge geschiedenis, meest
koffiehuizen of kafana's voor de Mohammedanen en gostiona's of
eethuizen voor de Christenen, die aan den spoorweg werken, ligt in
het wijde dal beneden in de nabijheid der lijn, die den loop der
Miljacka volgt.
De rijweg van Serajewo komt in de Miljackakloof dadelijk na het
verlaten van de stad. De spoorlijn is te zien op den tegenoverliggenden
oever en is aangelegd aan den rand van een steile klip, die voor
een deel uit hard gesteente en voor een ander uit zacht mergel
bestaat. Waar dat laatste voorkomt, is ieder meter van den weg
versterkt, om het afglijden te voorkomen, en in het harde gesteente
heeft men tunnels moeten boren, waarvan er wel vier korte te vinden
zijn over een afstand van achthonderd yards.
Toen wij Palé bezochten, was de weg erheen druk, wat wel een verschil
opleverde met de bijna verlaten andere wegen, door al het verkeer,
dat de spoorlijn meebracht, en men kon er een studie maken van de
vervoermiddelen, in gebruik in Bosnië. Groote wagens, door spannen
getrokken van acht en zelfs twaalf paarden, wisselden af met primitieve
ossenkarren, die eigenlijk noch kar, noch wagen zijn. Ze bestaan
eenvoudig uit vier ruwe, zware wielen, waarvan de twee achterste ver
van de beide voorste zijn geplaatst, en daartusschen bevindt zich
niets anders dan een lange balk of boomstam, waaraan de te vervoeren
artikelen worden vastgebonden; juist een wagen voor een land zonder
wegen. De voerlieden van die langzaam zich bewegende vehikels zijn
bijna geregeld vast in slaap en liggen in hun volle lengte op den
boom, zich op raadselachtige wijze in evenwicht houdend met het hoofd
rustend op den eenen arm.
Dan waren er reeksen van pakpaarden, zwaar beladen met steenen,
dakpannen, houten balken en gras; arme beestjes, die er uitzagen
als kikvorschen uit het land van Brodignac, doordat de vracht zoo
om hen was opgestapeld, dat er niets dan de kop en de hoeven te zien
waren. Nooit heb ik in het Oosten pakpaarden zoo zwaar beladen gezien
als de paardjes van Bosnië. Palé ligt aan den weg naar Gorazda aan de
Drina, waar het voornaamste hengstendepot van Bosnië is te vinden, een
plaats, die een zeer gelijkmatig klimaat heeft, dat voor het beste van
Bosnië door gaat. Van Gorazda vervolgt de weg zijn loop haar Cajnica,
waarheen tweemaal in het jaar, aan het eind van Augustus en weer een
paar weken later, een groote pelgrimstocht wordt gehouden met het doel
smeekbeden op te zenden voor een zeker beroemd schilderij in een kerk.
De pelgrims, die voor het meerendeel uit Serajewo komen, reizen
veelal in de lichte manden wagentjes uit de streek, die voor de
gelegenheid bedekt worden met een dak van ronde hoepels, bekleed met
matwerk of linnen. Elke wagen houdt een groote familie in van beide
seksen, wier voornaamste uitrusting wel kussens schijnen te zijn,
om op te rusten onder de reis. De armste pelgrims loopen, de rijken
gaan te paard of per rijtuig. Gedurende de drie of vier dagen van
den pelgrimstocht stroomt er een geregelde optocht door Palé op den
heen- en op den terugweg. Te Cajnica kampeeren ze in hun wagens op
het plein vóór de kerk, en het moet een indrukwekkend gezicht wezen,
naar ons werd verteld, daar er soms wel vier duizend bedevaartgangers
zijn. Het lijkt op den trek van de Boeren naar de naastbijzijnde stad,
om het avondmaal te gebruiken, waarbij ze ook op het plein tegenover
de kerk hun kamp opsloegen.
Van Mokro, een aardig dorpje omstreeks drie uren rijden over een
goeden weg van Palé, bezochten we te voet een zeer merkwaardige
natuurlijke grot tusschen de heuvels, waaruit Serajewo in den zomer
het grootste deel van het benoodigde ijs betrekt. In de warmste jaren
was er daar altijd nog te vinden. Als gids hadden we een turkschen
beg van voorname, oude bosnische familie, die door de regeering als
boschwachter was aangesteld. De weg voert ook langs een houtzaagmolen,
door water gedreven, en wordt daar niet meer dan een voetpad, dat
met veel andere samenloopt door mooie weiden van lang dik gras,
waar we door liepen met de lage beboschte heuvels om ons heen.
Een eind bezijden het pad gingen we ook nog de bron van de Miljacka
zien, die te voorschijn komt uit een grot aan den voet van een steilen
heuvel. We hadden over de steenen in de bedding van het riviertje te
gaan, om den mond der grot te bereiken, waar men een eind ver in kan
oploopen. Het water was heerlijk koel en de geelachtige kleur in de
holten van de grot werd gitzwart dichtbij den ingang. Van dit punt
hadden we een steilen klim tegen den met bosch begroeiden heuvel op,
aan welks voet de Miljacka ontspringt. Uit het bosch kwamen we op
een open plek tusschen reuzenpijnboomen, waar een hutje was gebouwd
ten gebruike van de boeren, die het ijs vervoeren.
Een ruw pad voert naar den ingang der grot, die steil afdaalt in het
diepste der aarde. Het pad was heel nat en glibberig van het druipwater
van het uitgedragen ijs. Het licht werd flauwer en flauwer, en de
atmosfeer kouder en kouder. Het was, of we waren neergedaald in een
onderaardsche gevangenis, kil als een graf. Groote platen ijs kon men
zien, dat de wanden bekleedden; maar het meeste was te krijgen uit een
hol aan onze linkerhand, ingang tot een nog dieper schacht, die, naar
onze gids vertelde, 300 voet naar beneden gaat en met ijs is gevuld.
Bij gelegenheid van ons bezoek was de ingang tot die schacht
geblokkeerd door een massa steenpuin, dat door een hevigen storm
van eenige dagen geleden daar was heengespoeld. We moesten ons
tevreden stellen met naar beneden te gluren in den donkeren afgrond
en keerden toen in de bovenlucht terug, een groot stuk ijs als een
zegeteeken met ons mee dragend. Het werd in stukken gebroken en
onder het rusten laafden we er ons mee, want de wandeling had ons
dorstig gemaakt. Anderhalf uur brachten ons terug naar den molen,
buitengewoon hongerig en bereid, om uitstekende eer te bewijzen aan
een uitstekend maal, dat onze gastheer en zijn dochter er als bij
een pic-nic heen hadden laten brengen. We waren om zoowat elf uur
uit Mokro gegaan en we waren voor het donker te Palé terug. Daar
er nog niet gemakkelijk een goed onderkomen te krijgen was in Palé,
logeerden we namelijk bij den engelschen consul-generaal en zijn vrouw,
die voor ons de gastvrijheid zelve waren.
Men kan ook aardige ritjes van Palé uit maken, vooral in Augustus,
nadat de hooioogst heeft plaats gehad. Het hooi werd, naar wij
opmerkten, niet in een enkelen grooten hoop bijeengebracht, maar
in kleine hooioppers, die over de verschillende velden verspreid
stonden. Dit leek ons geen al te best plan, maar weldra vernamen we de
reden. Op een morgen leek het, of een der hooioppers zich bewoog. We
wreven onze oogen uit en keken opnieuw. Ja, er was stellig beweging
in. We gingen de zaak onderzoeken en vonden, dat een span ossen,
die ervoor waren gespannen, den hoop voort trokken naar een hoek van
het veld, waar andere hooibulten stonden. Daarheen moesten ze alle
worden gereden, om van daar te worden opgeborgen in de schuren. Om
dat vervoer te vergemakkelijken, worden de massa's opgebouwd op een
onderstel van takken, die stevig aan elkaar vastgebonden zijn, terwijl
twee takken naar buiten uitsteken naar den kant, waarheen de hoop moet
worden vervoerd. Ze kunnen dus ieder oogenblik voortgetrokken worden,
door een span te plaatsen tusschen de naar voren komende takken.
Gedurende ons verblijf te Palé speelden we golf op geïmproviseerde
"links", die begonnen aan het smalle eind van het dal en liepen langs
de hellingen van de lage heuvels eromheen. In het midden van het dal
en in de onmiddellijke nabijheid van het dorp is er overvloed van
open grond, waar golf, polo of tennis kan gespeeld of zelfs wedrennen
zouden kunnen worden gehouden.
Ilidze, dat omstreeks drie kwartier per tram of trein van Serajewo is
verwijderd, is het voornaamste gezondheidsoord en toeristencentrum van
Bosnië. Het ligt in een mooie vlakte aan den voet van den berg Igman
en op dezelfde hoogte als Serajewo. Het is de beschermelinge van de
regeering, die in de laatste tien jaren groote sommen heeft uitgegeven,
om de plaats aantrekkelijk te maken. De geneeskrachtige bronnen waren
reeds aan de Romeinen bekend, en de beroemde heete zwavelbron geniet
een groote reputatie als genezingbrengend bij verschillende ziekten,
vooral bij rheumatiek. De temperatuur is 136 graden Fahrenheit. De
kosten van de baden zijn uiterst matig. Het park is aardig aangelegd,
en drie moderne hotels, van alle comfort voorzien en bestuurd met de
speciale bedoeling, om aan de badgasten rust te verschaffen, staan in
gemeenschap met een centraal restaurant door een overdekte gang. Een
gang van dien aard leidt ook van het restaurant naar het station.
In den zomer staan de groote veranda van dit restaurant en het grasveld
ervoor vol tafeltjes, waar den geheelen middag en avond bezoekers
samenkomen, koffie drinken, dineeren en naar de muziek luisteren. Het
zijn meest bezoekers uit Serajewo; ze brengen een paar uren er door
en gaan dan weer naar huis.
Op de tennisvelden in het park zijn tot nu toe de jaarlijksche
tenniswedstrijden van Bosnië gehouden. En ook de voornaamste wedrennen
zijn er, waarbij zich in Juni groote menigten verzamelen, om het
concours hippique bij te wonen. In het begin bood de plaatselijke
regeering zeer aanzienlijke geldprijzen aan met het doel, bezoekers
naar de streek te lokken, maar daar al de uitgeloofde prijzen door
vreemdelingen werden gewonnen, die alleen voor die gelegenheid
overkwamen, werd hieraan spoedig een eind gemaakt. Nu mogen alleen
in Bosnië gefokte paarden of paarden van de militairen meedoen.
Toen schreef de regeering ook nog wedstrijden uit in het duivenschieten
om geldprijzen. Dit werd opgegeven, naar ons werd verteld, omdat de
Turken tegenwerpingen maakten. We konden dat haast niet begrijpen,
want ofschoon de duif een heilige vogel is voor de Hindoes, is ze dat
niet voor de Mohammedanen; maar het feit kan als een bewijs dienen
voor den eerbied, dien men in Bosnië bewijst aan de vooroordeelen of
inzichten van de mohammedaansche inboorlingen.
Aan Ilidze is al te veel geld ten koste gelegd, dan dat men kan
verwachten, dat het zijn rente zal opbrengen. Oostenrijkers kunnen
kiezen tusschen veel badplaatsen dichter bij honk en willen niet
zoo ver reizen voor hun badkuur. Dus wordt Ilidze weinig begunstigd,
behalve door de plaatselijke bevolking.
Ofschoon we nooit te Ilidze hebben gelogeerd, gingen we er dikwijls
per trein en per rijtuig heen en zagen al, wat er te zien viel,
maar we hadden geen tijd, om er baden te nemen en we hadden ze ook
niet noodig. Het land in de buurt was zeer aantrekkelijk, en in onze
oogen interessanter dan Ilidze zelf. Er is een kleine modelboerderij
dichtbij, een instelling van het plaatselijk bestuur, waar de zoons
van boeren worden onderwezen, zoowel in de praktijk als in de theorie
van het eenvoudige boeren- en veehoudersbedrijf. Het stelsel van
onderwijs leek ons bijzonder geschikt, om aan de conservatieve en
achterlijke boeren te leeren, hoe ze hun tegenwoordige ouderwetsche
gewoonten van landbouw kunnen verbeteren.
Het doel, waarnaar gestreefd wordt, is den jongen boerenleerling op te
voeden, zoodat hij een goede kleine landbouwer kan worden met eenige
kennis van zuivelbereiding en kippenhouderij. Niets buitenissigs
wordt onderwezen, noch iets, dat de eenvoudigste boerenhersenkas
niet kan opnemen. Voor de leerlingen, die in de inrichting wonen,
zijn eenvoudige vertrekken beschikbaar, een ziertje beter, dan die,
waaraan de jongens gewend zijn. Zindelijkheid en gezondheid staan
op den voorgrond. De boerenhoeve heeft verscheiden acres grond voor
practisch onderwijs ter beschikking.
De melk, die op de hoeve gewonnen wordt, zendt men naar Ilidze en
Serajewo en ze wordt daar verkocht evenals de andere voortbrengselen
van het bedrijf, waardoor de kosten van de onderneming, die niet
heel hoog kunnen zijn, worden bestreden. Het personeel bestaat uit
den directeur van de hoeve en één of twee opzichters. Dergelijke
instellingen zouden niet te onpas zijn in onze nieuw verkregen
zuid-afrikaansche koloniën, waar slechts weinige van de boeren en
kolonisten weten, wat ze uit den grond kunnen halen.
Tot nu toe hadden onze tochten in Bosnië zich bepaald tot de nabijheid
van de spoorlijn of tot min of meer bekende wegen, maar nu besloten
we, eenige toeren te doen in die gedeelten van Bosnië, die nog terra
incognita zijn, ook voor den toerist van het continent.
Bosnië heeft zooveel natuurschoon en zooveel belangwekkende plekjes,
dat de moeite lag in de rijke keus, waarheen te gaan. De voornaamste
glorie van Bosnië zijn de prachtige bosschen en het aantal groote
rivieren, die het land besproeien. Wij besloten daarom, eerst de
woudpracht der Zelengorabergen te gaan zien en later een korte reis
te maken langs de Drina stroomaf, als er voldoende water in de rivier
was gekomen.
Om tochten van dien aard te ondernemen in dit nog wat onontwikkelde
land, moet men liefst op officiëele hulp kunnen rekenen. De vereischten
zijn gidsen, transportpaarden met zadels en reistasschen en gelegenheid
voor nachtverblijf. Wat dat laatste betreft, moet men wel hulp hebben
van de officiëele personen, tenzij men tenten wil meenemen, want al
bestaan er op sommige plaatsen herbergen, elders zijn de posten van
de politie of de wachthuizen de eenige bewoonbare verblijven en om
de vergunning te erlangen, er nachtverblijf te vragen, moet men een
permissiekaart kunnen vertoonen.
Wanneer men van paarden of gidsen moet veranderen, kan men
regeeringshulp ook noode ontberen. In ons geval vereenvoudigden
we de zaak, door het zoo te schikken, dat we dezelfde paarden en
denzelfden gids op de heele reis behielden. Wat de quaestie der zadels
betreft, werd alle bezwaar overwonnen door de bereidwilligheid van het
vrouwelijk element om op een heerenzadel te rijden. Het was haar eerste
ervaring van deze manier van rijden, en het resultaat is geweest,
dat voor vermoeiend werk van dien aard, waarbij er lange uren moet
worden gereden over heuvelachtig en bergachtig terrein, ze haar sterk
kan aanbevelen aan alle dames, die zulk een reis mochten ondernemen. Er
zijn geen aparte rokken voor noodig. Een rok van wandellengte, die wat
wijd is, met laarzen en slobkousen tot de knieën was de gewone dracht.
Behalve dat ze ons droegen, waren de paarden ook met onze bagage
beladen, namelijk twee reistasschen, een paar turksche zadelzakken
en een rol waterproofstof, een overjas en een paar parapluies.
Dat lijkt weinig voor twee personen, maar inderdaad was er meer, dan
we noodig hadden. Een reiszak, eigenlijk zadelholster, werd geheel
in beslag genomen door toiletartikelen en nachtgoed, één voor ieder
van ons. De twee zakken van het turksche zadel hielden een compleet
stel ondergoed in, dan de dagboeken, schrijfpapier, een spirituslamp,
keteltje, methylalcohol, een flesch whisky, thee en een paar messen,
vorken en lepels. In de dan nog aanwezige kokers hadden we wat
draagbare eetwaar voor geval van nood, en aan den anderen kant een
aantal benoodigdheden voor de camera's, kaarten en touw. Elk van ons
had bovendien een camera altijd over den schouder hangen.
We verlieten Palé den 17den Augustus en vertrokken van Serajewo
den 18den, een gewichtigen dag daar en in geheel Oostenrijk, omdat
het de verjaardag is van keizer Frans Jozef, en een dag, waarnaar
de sportliefhebber met verlangen uitziet, daar dan de jacht weer
wordt geopend.
De engelsche consul-generaal en zijn dochter zouden ons den volgenden
dag onderweg ontmoeten, terwijl wij te paard reden en zij in het
rijtuig zaten. De rijweg gaat om de renbaan van Ilidze en volgt den
loop van de Zeljeznica. Het is een mooier weg dan het rijpad, dat
wij volgden en dat ons eerst door een niet interessant land voerde
langs enkele kleine dorpjes. Na een uur rijdens hielden we stil om
te drinken, maar niet terwille van de arme paarden, want ofschoon het
ruwe en vaak steile pad de dieren erg moet hebben ingespannen op zulk
een warmen dag, weigerde Ibro, hun meester, beslist, hun zelfs maar
een druppel water te geven. Gedurende de rustpoos gingen rijen beladen
paarden voorbij, die hout of planken droegen. Een had een heel bosch
van heele boomen te dragen, waarvan de bebladerde takken op den grond
hingen, een leelijke cavalcade, om op een smallen weg te ontmoeten,
vooral, als men een schrikachtig paardje bereed.
Er volgde een steile helling over een buitengewoon steenachtig pad. Dit
was de oude turksche weg, en blijkbaar was er eens een poging gedaan,
om hem te bestraten, maar daar was zoo goed als niets meer van te
merken; de aarde was weggespoeld, en de naakte rots was overgebleven,
scherp en puntig op sommige plaatsen, glad en vuil op andere en lastig
voor de paardjes, om er staande te blijven.
Ibro, de gids, een groote, ruwe Mohammedaan, nam onze parapluies,
deed ze open en bood ze ons aan. Daar de zon brandend heet was,
werd die attentie door ons zeer gewaardeerd, maar niet door een
van de paarden, die waarschijnlijk nooit zoo iets als een geopende
parapluie vroeger had gezien en bij na op zijn hoofd ging staan van
angst. Na de stijging kwam een daling. Afgestegen, en wandelend,
kwamen we bij een hoek niet ver van een dorp drie turksche vrouwen
tegen. Die dames hadden blijkbaar aan de winden des hemels vergund,
haar damasten wangen te streelen, want ze meenden zich volkomen veilig
voor de blikken van eenigen man. Zoodra ze ons in het vizier kregen,
was er een haastig ophalen van doeken en sluiers, niet alleen over
de gezichten, maar over het geheele hoofd. Toch was dat nog niet
voldoende, om blijk te geven van haar zeer bijzondere zedigheid. De
schoonen presenteerden ons haar ruggen, hoogst onbeleefd, en liepen
ons in die houding voorbij, op zij gaande op de manier van de krabben!
Wat verder was er een han of herberg, waar Ibro, tuk op een
verkwikking, stil had gehouden met de paarden. Driepootige stoeltjes
waren naar buiten gebracht, en ook uitstekende zwarte koffie
in kleine koperen koffiepotjes. De eigenaar van de herberg bracht
met een trotsche houding ook een lepeltje te voorschijn, zijn eenig
exemplaar, misschien een familiestuk, om de koffie mee om te roeren
en leek zeer teleurgesteld, toen Ibro na een nauwkeurige inspectie
het met minachting afsloeg en twee twijgjes van de haag brak, die
voor het bedoelde gebruik moesten dienen.