Wanneer men de tafels uit de woning nemen wil, dan moet men beginnen
met haar aan den kant los te maken, want de bijen bevestigen haar
na elke uitneming weder. Hiervoor moet men twee messen hebben. Het
eene met een dun, buigzaam lemmet (zie fig. 13), van 6 of 7 duim
lang en 1 duim breed, met ronde punt en tot 4 duim van de punt aan
beide kanten scherp, dient om de tafel van den wand der woning los te
maken, waartoe men het vlak tegen den wand drukt en van onder naar
boven snijdende, de tafel voorzigtig los maakt; is de tafel ook aan
een daar onder liggend staafje bevestigd, dan wordt zij ook daaraf
gesneden, met het mes zoo vlak mogelijk langs het staafje gaande.
Het tweede mes moet een lemmet van dezelfde lengte en breedte hebben,
doch dat dikker, niet buigzaam en slechts aan eene zijde scherp is,
en in eene spitse punt eindigt (zie fig. 14). Met dit mes wordt het
staafje, waaraan de tafel hangt, in de groef, waar het door de bijen
vastgemaakt is, losgestoken.
Eindelijk moet men nog een mesje hebben, om moederwiegen uit de
tafels te snijden, indien men die op andere plaatsen wil gebruiken;
een klein puntig knipmesje kan hiervoor dienen.