Truus stak haar vinger op. "Juffrouw, ze is jarig!"

"Ja," knikte Annie blij, terwijl ze vuurrood werd. Nu moest ze even

bij de juffrouw komen om gefeliciteerd te worden en alle kinderen

keken er naar. Annie jarig, wat prettig, ze hadden allemaal wel jarig

willen zijn. Toen Annie weer op haar plaats zat, gaf Toos haar een

stootje. "Krijg je visite?" vroeg ze kortaf.

"Ja," fluisterde Annie.

"Vraag mij ook."

Annie schudde van neen en beduidde haar buurtje dat ze stil moest zijn

om de juffrouw. Toos zei toen niets meer, maar in 't speelkwartiertje

kwam ze op Annie toe, die met haar vriendinnetjes stond te praten en ze

alle vier voor dien middag op visite vroeg, en riep hard in haar oor:

"Ik kom toch!" Meteen zette ze 't op een loopen.

"Dat durft ze toch niet," zei Mientje zoo stellig, dat Annie er

weer door getroost werd, want ze vond het een akelige gedachte dat

die stoute Toos, die alle pret bedierf, vanmiddag op eens zou komen

aanzetten. Nu deden ze nog met de juffrouw allerlei spelletjes en daar

Toos verder geen woordje meer tegen Annie zei, vergat deze heelemaal

haar bedreiging.

't Was een middag zoo prettig, als Annie in lang niet had gehad! De

vier vriendinnen Mientje, Betty, Truus en Jo waren precies op tijd

gekomen; nadat ze de mooie cadeautjes bekeken en 't schilderij

bewonderd hadden, dat een groot deel van den wand in de speelkamer

besloeg, hadden ze spelletjes gedaan en pret gemaakt met Hektor

en nu zaten ze op kleine stoeltjes in 't prieël achter in den tuin

bij de zonnebloemen, waar Ma een tafel vol versnaperingen had laten

brengen: voor ieder een glaasje frambozenlimonade en een schotel vol

taartjes. Annie mocht presenteeren; ze liet de gasten eerst uitzoeken

en nam dàn zelf, dat hoorde zoo, zei Ma. 't Was een echte smulpartij,

waarvan Hek ook zijn deel kreeg omdat 't vrouwtje jarig was. Toen

de schoteltjes leeg waren, stelde Annie voor een beetje te gaan

rondloopen, voordat ze aan 't tweede taartje begonnen en in dien

tusschentijd ....je moet niet schrikken, 't is heusch waar.... wie

zat er toen ze terugkwamen in 't prieël bij de zonnebloemen? Toos? Ja,

't was Toos! Ze had een leeg schoteltje voor zich staan en likte haar

vingertjes af, terwijl ze al weer met haar oogen een taartje uitzocht

van den schotel.

"Ik zei dat ik zou komen en daar ben ik," vertelde ze heel kalm,

terwijl ze zich nog wat dieper in haar stoeltje nestelde en de vijf

verschrikte meisjes met haar zwarte oogen donker aankeek; "ik vind

visites prettig en 'k houd veel van taartjes."

"Maar, je bent niet gevraagd," zei Truus, [1] die den meesten "durf"

had van de vijf.

"Je mag niet op visite komen als je niet bent gevraagd."

"Hoe ben je hier gekomen? Door de voordeur?" vroeg Mientje, die achter

Jo kroop, want 't was net alsof ze nu een beetje bang was voor Toos,

wier plotseling dáár zitten ze zich maar niet kon verklaren.

"Door de heg, 'k heb de takken op zij gebogen," verklaarde ze kortaf,

en peuzelde onderwijl nog een gebakje op.

De meisjes keken elkaar aan. Gelukkig, daar kwam Ma uit huis om eens te

zien of de kinderen schik hadden. Annie vloog naar haar toe en vertelde

onder tranen van de ongenoode gast. "Nu heb ik heelemaal geen schik

meer; die nare Toos ook, u moet haar wegsturen, ze mag hier niet zijn!"

"Nu, nu," zei Ma, die 't niet helpen kon dat ze even moest lachen;

"een beetje grappig is het wel van Toosje, maar je mag daarom niet

zoo boos op haar zijn en dat nog wel op je jaardag."

Toen Toos de vreemde mevrouw zag aankomen, stond ze op en keek verlegen

naar den grond, terwijl ze haar kleverige handjes op haar rug hield.

"'t Is thuis zoo stil en 'k wou ook zoo graag eens op visite," mompelde

ze toen Annie's Ma haar vriendelijk 't een en ander vroeg. Annie

trok Ma telkens aan haar japon; Ma moest haar nu wegsturen vond

ze, maar dit gebeurde niet, nee, Ma zei juist dat Toosje best mocht

blijven. "Kom," riep Ma vroolijk, "nu gaan we met elkaar een spelletje

doen van, kruip door, sluip door!" Meteen nam ze Toos aan de eene en

Annie aan de andere hand, en maakte ze allemaal zoo aan den gang, dat

't vreemde gevoel van zooeven heelemaal wegging, Annie weer vroolijk

keek en Toosje ook heel gewoon meedeed, alsof ze er aldoor bij was

geweest; ze was nu heel anders dan op school, niets plagerig, vonden

de meisjes. "Nu nog even uitrusten in de speelkamer voordat jullie

gehaald worden," zei Ma, nadat ze allen terdege moe en warm waren van

't hollen en draven. "Heeft Toosje je presentjes al gezien, Annie?"

"Nee, kijk Toos!" Allen stonden om Toos heen bij de tafel, waarop

Annie's moois was uitgestald en ieder deed haar best haar alles te

wijzen. "En kijk nu daar eens Toos!" zei Mientje, terwijl ze naar

den muur wees.

Toos keek en kreeg 't schilderij in 't oog.

"Nu, hoe vindt je 't?" vroeg Annie, toen er niet gauw genoeg een

uitroep van bewondering kwam.

Toos zei nog niets en toen op eens begon ze hard te schreien, zoo hard,

dat de meisjes er bang van werden.

Annie's Ma kwam toeloopen, nam haar op den schoot en eindelijk vertelde

Toosje onder snikken, dat het op 't schilderij net was als bij Oma

thuis, waar Pa en Ma haar als een heel klein kindje gebracht hadden,

voordat ze naar Indië gingen en waar ze gewoond had tot nu voor een

kort poosje. 't Was er zoo heerlijk bij Oma buiten en ze hield zooveel

van de kippen en eenden, die ze altijd mocht voeren. Juist waren er

kleine gele kuikentjes uitgekomen, toen ze weg moest naar de stad.

Stilletjes waren de meisjes naderbij gekomen.

"Waarom ben je daar dan niet gebleven?" vroeg Jo.

"Er is geen school en ik moet toch een knap meisje worden," zegt Oma,

"maar in de vacantie mag ik weer naar Oma toe en daar hoef 'k niet

stil te zitten zooals op school. Maar dat duurt nog zoo lang!" voegde

ze er met een zucht bij.

"Je moet maar heel veel bij Annie komen spelen, dan gaat de tijd gauw

om," zei Ma en ze pakte Toosje alsof ze haar eigen Annie was.

Toen de visite al weg was, kwam Pa thuis. Annie vloog naar de deur

om open te doen en nog voordat zij in de kamer waren, vertelde ze hem

al, dat 't stoute kleine meisje, naast wie ze op school zat, nu haar

vriendinnetje was geworden. "'t Komt eigenlijk door mijn schilderij,"

riep ze. "Ra-ra, ra, hoe kan dàt?"

Vertellingen · 第 13 / 25 题