849. AARDAPPELPUDDING MET AMANDELEN.

Twintig groote aardappelen, 6 lepels boter, 6 eierdooiers, 5 lepels

gepelde, fijngestampte amandelen, 4 à 5 lepels suiker, de schil van

een djeroek-nipis (geraspt), een lepel Baking Powder en het tot sneeuw

geklopte wit van de 6 eieren.

Bereiding:

De aardappelen schilt men en kookt ze met zout gaar. Daarna worden

ze fijn gemaakt en er de boter met de geraspte djeroekschil door

gedaan. De zes eierdooiers slaat men wit met de suiker, roert ze met

de fijngestampte amandelen door het aardappelen deeg, en voegt hier

de Baking Powder bij met het geklopte wit. Wanneer dit alles goed

door elkander is geroerd, laat men het even staan, om te rijzen. Nu

neemt men een pudding-trommel met deksel, besmeert dezen met boter

en beschuitkruim en vult dien voor 2/3 met het beslag. Deze pudding

wordt, gedurende 1 1/2 à 2 uur, in een toegedekten pot met kokend

water gedaan. Is ze gaar, dan wordt de pudding uit den trommel gestort

op een vuurvast bord of een émail-schaal, en nog even in den warmen

oven gedaan. Men dient ze voor met rhum-saus. (No. 478).

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 908 / 1109 题