Een pond tarwebloem, 1 flesch melk, 15 eieren met het wit, 1 wijnglas
cognac, suiker naar smaak, boter.
Bereiding:
De eieren worden geklutst tot ze wit zien; daarna lengt men de melk
met het meel voorzichtig aan, zoodat dit niet klontert, roert er
langzaam de geklutste eieren door met de cognac, en voegt er, daarna,
suiker en zout, naar smaak, bij. Als dit alles goed door elkander
is gemengd, neemt men een ijzeren pot, waarin men veel boter heeft
laten smelten en doet daar het deeg in, dat men, zooveel mogelijk,
tot een bal heeft gevormd. De boter moet boven het deeg uitkomen. Men
bakt het aan beide kanten lichtbruin. Zie het slot van No. 582.