Ongeveer 7 kopjes bouillon met bouquet-garni (Zie No. 516), 3 kopjes
melk, 2 geklutste eierdooiers, 1 1/2 stang gesmolten agar-agar,
3 lepels bloem, 2 lepels boter, 1 wijnglas madéra, zout, peper en
notemuskaat naar smaak.
Bereiding:
De bouillon kookt men met de bouquet-garni op en doet daarna de,
in melk aangelengde, bloem er door. Roer dit voorzichtig om en voeg
er de geklutste eierdooiers bij, met de opgeloste agar-agar en de
specerijen, de boter en de madéra. Wordt deze saus, onder het roeren,
dik, dan zet men haar af en is zij voor het gebruik gereed.