Bouillon van 1 pond rundvleesch, 12 groote uien, fijngesneden, 1/4 pond
boter, 5 of 6 fijngesneden rauwe aardappelen, 2 lepels fijngesneden
selderie, 2 lepels fijngesneden prij, peper, zout, notemuskaat en
foelie, een handje vol heele gekookte uien, 1 kopje melk.
Bereiding:
De twaalf fijngesneden uien worden in boter gesmoord; daarna voegt
men er de fijngesneden aardappelen en de groenten bij, laat dit een
half uurtje samen smoren; dan kookt men dit met den bouillon nog eens
goed op, tot alles goed gaar is. Vervolgens zeeft men deze soep en
wrijft daarbij de groenten door de zeef fijn. Nu kookt men deze soep
met de opgegeven specerijen nog eens op.
Als deze soep wordt voorgediend giet met in de terrine eerst de melk,
daarna de soep en vervolgens de heele uien.
Men kan er geroosterd brood bij voordienen.