Eendeneieren, 1 pond keukenasch en 1 pond fijn zout, een weinig water.
Bereiding:
De asch en het zout worden met een weinig water aangelengd tot een
dikke brij, zoo dat men hiermede de eieren kan omwikkelen. Daarna
legt men de eieren in een grooten paso en laat ze zoo gedurende 3 à
4 weken staan. Men keere de eieren nu en dan om.
Ook kan men in een grooten keulschen pot, laag-om-laag, eerst wat
brij van asch en zout doen, daarna een laag eieren enz.; de bovenste
laag moet weêr asch zijn.
De eieren worden als gewone eieren gekookt, even lang d. i. twee maal
den zandlooper laten afloopen.
Bij het opdienen worden zij in de lengte middendoor gesneden en in
de schaal gelaten. Men reinigt te voren de eieren.