345. IKAN DOEDOOH.

Visch, 1 lepel ketoembar, 1 lepel djienten, een stukje, ter

vingerlengte, gebrande koenjit, 3 sioongs bawang-poetih, 1 theelepel

trassie, 1 theelepel asem, 1 theelepel zout, 1 kopje santen of

bouillon, boter of klapperolie.

Bereiding:

De kruiden worden samen fijngestampt, in boter of olie half gaar

gebraden en de schoongemaakte visch er in zijn geheel bij gedaan en

aan weêrszijden goed bruin gebraden. Daarna wordt er het kopje santen

bij gedaan en alles gekookt, tot de olie er uitkomt. Haal daarna

den visch er uit en voeg bij de saus nog wat santen, voor de jus,

welke men later over den visch heen giet.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 371 / 1109 题