343. IKAN BRENGKÈS.

Visch, 20 roode uitjes, 3 sioongs bawang-poetih, 2 of meer lomboks,

1 theelepel trassie, 1 1/2 theelepel zout, 1 lepel suiker, 1 kopje

santen, pisang-bladeren.

Bereiding:

De visch wordt gekookt en al het vleesch er af gehaald, vervolgens

de kruiden fijngestampt. Daarna wordt het vleesch fijngehakt en,

met de fijngestampte kruiden, laag-om-laag in de pisang-bladeren

gedaan, met een schepje santen er overheen. Vervolgens maakt men de

pisang-bladeren dicht en maakt er pakjes van, die boven een arengvuur

geroosterd worden.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 369 / 1109 题