272. GEKOOKTE HAM.

Een stuk ham; en water.

Bereiding:

De ham moet ongeveer drie uren langzaam koken. Men zet haar met koud

water op, zoo, dat zij onder het water oppervlak ligt.

N.B. Voor het gewoon dagelijksch gebruik snijdt men van de heele ham,

in den regel, 1/2 of 1/3 stuk af en zaagt men het hambeen door. Het

restant, dat weêr in de goedang wordt bewaard (opgehangen) wordt

met kapoer-sirih, (gebluschte kalk) bestreken, met een pisang-blad

omwonden en weder in den zak met zemelen gedaan.

Wordt dit stuk nu later gekookt, dan krabt men met een mes de

kapoer-sirih er af, wascht en boent de ham goed af en kookt haar op

als boven omschreven is. De bouillon van de ham, kan nog voor 't een

of ander worden gebruikt, b.v. voor erwtensoep, bruine boonen soep enz.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 295 / 1109 题