254. DÈNDÈNG AGÉE OF RAGIE.

Een pond rund- of karbouwenvleesch, 1 lepel asem, 2 theelepels zout,

1 lepel fijngestampte ketoembar, 1/2 lepel fijngestampte djienten,

een bord vol fijngeraspte klapper, 2 theelepels fijngestampte ketoembar

en 1 lepel fijngestampte djienten, 1/2 theelepel fijngestampte peper,

1 fijngesneden lombok, 5 à 6 fijngesneden uitjes, boter of klapperolie.

Bereiding:

Het vleesch wordt eerst even opgekookt, dan aan kleine vierkante

stukjes gesneden. Nu neemt men de vier eerstgenoemde kruiden, stampt

die samen fijn en wrijft daar de stukjes vleesch mede in. Hierna

braadt men het vleesch op in boter.

Vervolgens neemt men de tweede serie opgegeven kruiden, stampt die

fijn, vermengt ze met den geraspten klapper, doet er dan het gebraden

vleesch door en braadt dan dit alles samen op in veel olie of boter,

tot de klapper goed bruin ziet.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 277 / 1109 题