243. BABI TJITJI.

Een (of meer) pond varkensvleesch, een bordje vol fijngesneden uien,

een halve vingerlengte fijngesneden koenjit, 1 lepel vol fijngesneden

seréh, 2 djeroek-poeroet-bladeren, het sap van 1/2 djeroek-nipis,

2 kopjes santen, zout naar smaak, 1/2 theelepel peper, boter en vet.

Bereiding:

Het vleesch wordt zéér fijn gesneden en in water opgedaan. De

kruiden fijngestampt en bij dat vleesch gedaan. Dit wordt

samen opgekookt, en daarbij gevoegd de santen, het zout en de

djeroek-poeroet-bladeren. Laat alles samen goed doorkoken, tot het

vleesch gaar is.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 266 / 1109 题