220. TANGKAR VAN KIP.

Een vette kip, 6 of 7 gepofte uitjes, een halve vingerlengte laos,

1 volle lepel fijngesneden seréh, 1 theelepel zout, 1/2 lepel asem,

zonder pitten, 1 lepel ketoembar, 1/2 lepel djienten, 1/2 theelepel

peper, 1 theelepel trassie, asem-water en boter of klapperolie.

Bereiding:

De kip wordt in stukken gesneden en bijna gaar gekookt. Nu neemt men

de kip uit den bouillon en doet haar op een zeef om uit te lekken. Den

bouillon gebruikt men later, om het gerecht aan te lengen. De gepofte

uien stampt men met de verdere specerijen fijn, en braadt ze op in een

paar lepels boter. Voeg er de stukken kip bij en, als deze er bruin

beginnen uit te zien, doet men er, naar smaak, nog wat asem-water bij,

of anders een kop van den bouillon. Laat dit nu zachtjes gaar stoven en

voeg er, nu en dan, een weinig bouillon bij, tot alles is opgebruikt.

Men kan dit gerecht ook met meel of met beschuitkruim binden.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 241 / 1109 题