143. SAMBEL-GORÈNG OEDANG BASA.

Een bord vol rauwe gepelde garnalen, 2 eetlepels fijngesneden gebraden

uien, 6 sioongs fijngesneden bawang-poetih, 1 eetlepel fijngesneden

seréh, 1 eetlepel fijngesneden laos, 1 eetlepel fijngesneden

lombok zonder pitten, 2 stukjes djeroek-poeroet-schil, 1 eetlepel

fijngestampte lombok zonder pitten (moes), 1 lepel trassie-water,

1/2 kopje asem-water, 2 theelepels zout, santen van 1/2 klapper,

boter of klapperolie.

Bereiding:

De garnalen worden eerst opgebraden in 4 lepels klapperolie; zijn ze

geel geworden, dan worden ze er met een schuimspaan uitgenomen. Hierna

worden de kruiden, met uitzondering van de opgegeven fijngestampte

lombok, fijngestampt en in de overgeschoten olie gebraden; vervolgens

doet men er de gebraden uien met het trassie- en asem-water bij. Roer

daarna de gebraden garnalen hier door heen. Leng de santen met het

lombok-papje aan en voeg dit door de sambel-gorèng. Laat nu verder

alles samen opbraden, tot de olie er uitkomt.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 162 / 1109 题