30. SAJOR KELOEWÈK

ook sajor bròngkòs genaamd.

Een kip of een pond vleesch. Kruiden: 4 of 5 keloewèk-pitten, 2 lepels

fijngesneden uien, eenige schijfjes fijngesneden laos, 1 1/2 lepel

fijngesneden seréh, een kwart vingerlengte koenjit (fijngesneden)

1 lombok, asemwater, zout.

Bereiding:

De kip of het vleesch wordt in kleine stukjes gesneden.

De fijngesneden uien en de lombok worden samen met klapperolie

opgebraden. Daarna worden de laos, seréh, koenjit en de uitgehaalde

keloewèk-pitten met wat zout fijngestampt en bij de gebraden uien

gevoegd, met het fijngesneden vleesch. Roer dit nog eens goed door

elkaar en voeg er het asemwater bij. Vervolgens giet men er nog twee

kopjes vol water bij en laat dit, goed toegedekt, koken, tot het

vleesch gaar is.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 42 / 1109 题