15. NASI LANGIE.

2 1/2 pond rijst, 2 geraspte klappers, een halve vingerlengte gebrande

of gepofte koenjit, 2 theelepeltjes fijn zout.

Daarbij de volgende toespijzen: kleine stukjes gebraden dèndèng,

aan stukjes gesneden gebraden tempé, sambel gorèng petée,

sambel oedang-kring, een theeschoteltje vol sroendèng, kleine

rempah-balletjes, gebraden kroepoek. Verder: aan dunne schijfjes

gesneden komkommers, twee fijngesneden gepofte groene lomboks en een

aan reepjes gesneden dadar van 4 of 5 eieren.

Bereiding:

De rijst kookt men (liwet) in de santen van de twee geraspte klappers,

met de koenjit, gaar.

Bij het voordienen van dit gerecht wordt de rijst, op eene

schaal, tot een bergje netjes opgehoopt; daarna versiert men

haar met de verschillende, te voren bereide toespijzen, hierboven

vermeld. Eindelijk, over alles heen, de dadar, schijfjes komkommers

en de fijngesneden lomboks.

De recepten der toespijzen vindt men alle, onder de verschillende

hoofdstukken, in dit boek vermeld. Zie o.a. rempah, No. 209 en 313.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 24 / 1109 题