HET DORP OUD-LOOSDRECHT.

OUD-LOOSDRECHT is ’t, dat de oogen streelt,

Door schoon geboomt en vette weiden,

Door uitzicht op bebouwde heiden,

Maar meest door dat het steeds in diepe vrede deelt.

Oud- en Nieuw-Loosdrecht, en Mijnden, behooren onder eene zelfde

Bailluagie, niettegenstaande zij, wat de Ambachtsheerelijkheid betreft,

in onderscheidene Gerechten verdeeld zijn.

Oud- en Nieuw-Loosdrecht, zijn beiden eigenlijk slechts ééne

Heerelijkheid, maar twee Parochiën, met twee kerken, eene oude, en eene

nieuwe: echter zullen wij, in onze beschrijving, ingevolge de

doorgaands plaatshebbende gewoonte, van de twee deelen dier

Heerelijkheid als van twee dorpen spreeken, en ze Oud- en

Nieuw-Loosdrecht noemen.

Niettegenstaande de beide Loosdrechten, (maar vooral Nieuw-Loosdrecht,)

niet kunnen gezegd worden te bloejen, behoeven zij echter in wezenlijke

middelen van bestaan nog niet voor andere dorpen van Gooiland, alhoewel

die bloejende zijn, onder te doen; maar vooral dingen zij naar den

prijs in de aangenaamheid van

De Nederlandsche stad- en dorpbeschrijver, Deel 3 (van 8) · 第 413 / 455 题