REGEERING.

Alhoewel de kundige Schrijver der Grondwettige Herstelling van

Nederlands Staatswezen verzekert, dat de vastgestelde Regeeringsform

van Wezop of Weesp tot 1445 in handen van het Volk berustte, schijnen

de handvesten der Stad ons het tegendeel aanteduiden, vermits in een

geschreven handvest, die in de gedrukte niet gevonden wordt, en in

1387, aan die ghemeenen Steden en Dorpen van Amsterlandt ende van

Goijlandt door Herthog Albrecht van Beieren is gegeven, het 1e. Art.

van den volgenden inhoud is. Dat wij off dien wij dat bevelen, off onse

Baliuw, die nu is off naemaels wesen zal, altoes Schepenen kiesen zal

binnen Steden ende opten Dorpen, alsoe veel als costumelijk is, op

onser Vrouwendach te Lichtmisse van den redelijcxsten en vroetsten

knaepen, enz.—1407 gaf Jan van Beieren, Elect van Luijdik, als Heer van

Muijden, van Wesop, van Naerden ende van Goijlandt, ook eenen openen

brieve, in welken hij om oerbaer ende nutschap wille zijns lands

voorss. zijne bovengenoemde ondersaten overdragen heeft eenige puncten,

onder welke het 10. Art. van ons handschrift dus luidt. „Item, soe

willen wij dat binnen onsen Stede van Weesop van deser tijt voort wesen

sullen seven Scepenen die onse Dienaars daer sullen setten: welke

handvest door Filips van Bourgondien, als Ruwaert ende oir der Landen

van Hollandt in 1425 gheconfirmeert ende ghevesticht is. Hoe het met de

Regeering, voor Albrecht van Beieren, gesteld is geweest, daar van

zijn, zo ver mij bewust is, geene bewijzen voorhanden. Het zij ons

genoeg betoogd te hebben dat de Graven, ten minsten, de Schepenen

hebben aangesteld, en dat zulks geenzins door het Volk of deszelfs

vertegenwoordigers geschied is.—Filips van Bourgondien, gaf in den

Jaare 1445 aan de Stad Weesop de handvest, waar bij hij haar ghegont

ende gheconsenteert heeft, dat voortaen één ende dertich die rijcste

poorteren, die meeste leggende erven en staende ghetimmert hebben, en

de hoegste daer in ’t schodt staen, alle jaer op onser Vrouwendach

Purificatio bij de meeste stemmen kiesen sullen vierthien goede

notabile mannen, uijt den voorss. XXXI of uijt andere die poorteren van

Weesop, uijt welke XIIII persoenen alsoe bij den één en de dertich

ghecoeren wesende bij der meeste stemmen onsen raede van Hollandt, onse

Baliuw van Goijlandt in der tijt wesende off die wij des machtigen

sullen, op onser Vrouwen-dach purificatio kiesen ende eden sullen seven

Scepenen, die dat toecomende Jaer Scepenen wesen sullen; welke Scepenen

voort kiesen sullen ’t eerste jaer drie Burghemeesteren van onse Stede

voorss. Als dat van outs ghewoonlijk is, ende voert alle jaer twee

nieuwen Burghemeesters ende eenen ouden daar in te laeten blijven.” De

verkiezinge der Regenten geschied ten huidigen dage noch naar den

inhoud van dit Privilegie, alleen met dit onderscheid, dat de Nominatie

van Veertienen thans door de 21 Vroedschappen op Vrouwendag (2

Februarij) gemaakt word; zijnde het getal van 31, volgends besluit der

Staten van Holland, genomen op 13 Januarij 1622, aldus verminderd.

Ofschoon in dit Privilegie die verkiezing staat aan den Raade van

Holland, den Bailiuw van Gooiland, of wien door den Grave daar toe

zoude gemagtigd worden: zo is volgends een Staats resolutie van den

20sten Maart 1603 de Bailiuw van Gooiland daar toe gemagtigd. De

Regeering word dus saamgesteld, uit den Hoofdofficier, die tevens

Drossaard van Muiden en Bailiuw van Gooiland is, en alhier eenen

Stedehouder of Subsistut Schout heeft, drie Burgemeesteren, zeven

Schepenen en een-en-twintig Raaden. Burgemeesteren en Vroedschappen

hebben eenen Secretaris, die door hun Collegie word aangesteld; terwijl

de aanstelling van den Secretaris van Schepenen door Heeren

Gecommitteerde Raden van Holland geschied.

De Nederlandsche stad- en dorpbeschrijver, Deel 3 (van 8) · 第 333 / 455 题