II.

Nu ben ik overtuigd, dat er onder mijn lezers en vooral onder de

lezeressen zijn, die verlangen, eenige bijzonderheden te vernemen over

het Philippino-bal, waarvan ik in mijn vorigen brief gewaagde. Ik zal

daarom even uitvoerig als ik over ernstige bijzonderheden schrijf,

ook dit bal beschrijven. Het is trouwens de moeite waard.

Toen ons diner in de Elks Club was afgeloopen, gingen 16 van de 24

personen, die aan dat diner hadden deelgenomen in drie groote auto's

met ons mede naar het nieuwe clubgebouw der Club Nacionalista, ter

inwijding waarvan de Philippino's dit bal gearrangeerd hadden. Toen wij

om ongeveer half elf daar arriveerden, werden wij zeer hoffelijk door

't bestuur van die club ontvangen en werd mrs. Catt en mij elk een

zitplaats aangewezen, vanwaar wij het bal goed konden overzien. Ik

weet niet wat meer was te bewonderen, de gracieuze wijze, waarop de

dansende paartjes rondzweefden door de zaal, dan wel de bonte pracht,

die wij aanschouwden in kleeding en haartooi. De dames waren allen

in gekleurde toiletten, in het wit was er geen. Lange, wijde rokken,

met nog wijdere breede strooken en met ellenlange sleepen in blauwe,

gele, rose, roode en andere kleuren, daarover altijd een kort, zwart

kanten overkleed, bij wijze van tunica, het bovenlijf in een camiso met

zeer wijde mouwen en van zeer dun weefsel, altijd in dezelfde kleur

als de rok en daarover de zes-dubbel gevouwen doek van dezelfde stof

als de camiso, vormden het toilet der dames. Deze camiso's, eene soort

wijde, loshangende blouse, die juist tot het middel reikt, zijn zeer

kostbaar. Zij worden van ragfijne zijde geweven en met bonte bloemen

geborduurd. Soms zijn de bloemen er in geweven en de allerlaatste mode

is de bloemen op de camiso's te laten schilderen door schilders of

schilderessen van naam. De goudgele bloote hals en armen hangen vol

van schitterende diamanten en paarlen en deze versierselen verhoogden

ook de pracht van de haartooi. Het prachtige, zwarte haar, in hooge,

breede kapsels opgemaakt, waarop en waarin en waaraan bloemen hangen,

vormde steeds een harmonisch geheel met het overige toilet. Dat bij

elk toilet ook een passende waaier is, spreekt in dit land vanzelf. Ook

in de waaiers wordt een luxe ten toon gespreid die voor ons nieuw is.

De heeren waren allen gekleed in lange, zwarte pantalon, wit vest en

korte, witte rok, zonder slippen. Aan de wijze, waarop deze paartjes

dansten, kunnen onze Europeesche dansmeesters een lesje nemen. Het

heete klimaat werkt dat wel in de hand. Het was meer een zich

voortwiegen op de tonen der muziek, dan wat wij gewoon zijn dansen te

noemen. Duncan zou er plezier in gehad hebben. De dames hielden allen

op gracieuze wijze hunne lange, wijde sleepen tusschen de vingers

van beide handen, de heeren slipten hun rechter arm onder den linker

damesarm rond haar middel, namen haar waaier in de rechter hand en al

voortwiegelende, wuifden zij daarmede hun partner af en toe koelte toe.

Wij bevonden ons in een kring van voorname Philippino's. De president

van de club, die eerst het geheele bestuur aan ons had voorgesteld,

bracht onophoudelijk heeren en dames bij ons, die door de een of

andere daad naam gemaakt hebben. Zoo maakten wij kennis met den

architect van het gebouw, een volbloed Philippino, zooals hij ons

verzekerde, die zijne studies in Engeland begonnen en in Italië

voortgezet heeft; die daarna heel Europa doorreisde en met zeer veel

lof over ons Rijksmuseum sprak; daarna met een Philippino-generaal,

die in den Spaansch-Amerikaanschen oorlog tegen de Amerikanen vocht,

doch nu met den stand van zaken verzoend is. Ook deze generaal was

van onvermengd ras. Toen ik mijne verwondering uitte over hun jeugdig

uiterlijk,--de generaal en de architect waren beiden in de veertig en

zagen er uit alsof zij vijf-en-twintig waren,--antwoordde de generaal,

dat dit een gevolg Was van drie dingen, 1e zij rooken niet, 2e zij

drinken geen alcoholische dranken en ten 3e, zij spelen of wedden

niet. Deze drie zaken brengen het bloed in te snelle beweging en

brengen rimpels en groeven op het gelaat, zoo verzekerde hij mij. Twee

Philippino-damesdoktoren, die in Amerika gestudeerd hadden, werden

voorgesteld, en ik vernam, dat beiden een zeer drukke praktijk onder

dames en kinderen hier hebben en onder hunne collega's zeer gezien

zijn. Een beeldschoone, jonge vrouw werd voorgesteld, die aan het hoofd

van een meisjesschool staat. Zij vertelde ons, dat zij op haar 20ste

jaar weduwe werd en toen eerst naar Engeland en later naar Frankrijk

reisde om zich in de Engelsche en Fransche taal te bekwamen, en daarna

te Manilla terugkeerde, om op eigen initiatief en volgens eigen plan

eene school voor meisjes te openen. Deze school is zeer druk bezocht

en heeft den naam de liberaalste school in heel Manilla te zijn. Ik

noem slechts deze personen, om de lezers een denkbeeld te geven van

de soort menschen, die wij op dit bal ontmoet hebben; en om ook nog

een idee te geven van de namen die hier inheemsch zijn, vermeld ik

de namen der bestuursleden van de club Nacionalista, zooals ik die

in het mooie balboekje, dat mij aangeboden werd, vermeld vind. De

president was Leonardo Osorio, vice-president Pascual Ledesma,

penningmeester Venancio Concepcion, 1e secretaris Emilio Mapua,

2e secretaris Alejandro Ruiz, en vier stemgerechtigde leden, Aguedo

Velardo, Arcadio Arellanjo, José Lino Luna, Tomas del Rosario. Na

ook nog vermeld te hebben, dat het balboekje tien nummers bevatte,

waarvan vier two-steps en vier walzen en de beide andere rigodon,

stap ik van dit bal af.

Als postcriptum--dat is immers het zwak van ons, vrouwen,--voeg ik

er dan nog bij, dat de mooie Philippino-meisjes zeer coquet zijn,

doch niet flirten, waartoe anders hare mooie, groote zwarte oogen

zoo uitnemend geschikt zijn, en dat de manieren der dames en heeren,

zooals wij die op het bal zagen, in de beste balzaal in Europa niet

verbeterd kunnen worden.

Wij zijn hier in het regenseizoen en in den tijd der typhoons. Wat

het eerste te beteekenen heeft, daarvan ontvangen wij hier duidelijk

sprekende bewijzen. De eerste dagen van ons verblijf hier waren vol

zonneschijn en alleen een enkele wolk ontlastte zich dagelijks boven

de stad. Langzamerhand echter begon het regelmatiger te regenen,

soms in zulk eene uitbarsting, dat men zich afvroeg, of er wel

iets voor een volgend jaar zou overblijven. Daarna hield de regen

plotseling op, de zon brak door en in een oogenblik waren pleinen en

straten weder droog; een windzuchtje werkte dit opdrogen zeer in de

hand. Later echter hield het droge weder geen vijf minuten stand;

onverwacht kwam dan soms de wind van een anderen kant opzetten en

ontlastte plotseling de heele hemel zich van al het water, dat hij

bevatte. Uren achtereen blijft het dan doorkletteren, elke gietbui

heviger dan de voorgaande en na acht of tien uren zijn pleinen en

straten in meren en rivieren herschapen. Hoe lang deze hevige regens

nog zullen aanhouden, een, twee, drie dagen of een week of langer, is

niet te bepalen, maar allen verzekeren ons, dat na deze verfrisschende

regens de natuur geheel verjongd te voorschijn zal komen en wij daarna

meer zullen kunnen profiteeren van Manilla en de Philippijnen, dan

zonder deze regens. Wij helpen het hopen. Op het oogenblik hinderen

ons de regens nog niet, want de instellingen, die wij des morgens gaan

zien, kunnen wij alle in een dichte automobiel bereiken, en de middag-

en avond-amusementen zijn in dit jaargetijde alle binnenshuis.

Een werkelijke typhoon komt hier niet zoo dikwijls voor als men ons wel

heeft willen doen gelooven. Sommigen verzekeren ons, dat zij in de tien

of twaalf jaren, die zij hier doorbrachten, slechts een enkele typhoon

bijwoonden; anderen noemen elke flinke storm een typhoon en verklaren,

dat elk jaar twee of drie van zulke hevige stormen het verblijf op

de Philippijnen onveilig maken. Wij zullen afwachten wat de 6 weken,

die wij hier zullen doorbrengen, ons in dit opzicht te ondervinden

zullen geven. In elk geval geven de regens ons thans, prachtige,

koele nachten; nachten, zooals wij die in lang niet gekend hebben.

Sedert ik het bovenstaande schreef, zijn twee dagen verloopen en in

dien tusschen tijd hebben wij een klein staaltje gezien van wat een

goede typhoon te beteekenen heeft. Het regent nog steeds en soms komt

de regen met zoo'n kracht neder, dat het schijnt, alsof hij alles

onder zijn val verpletteren zal. En vannacht was het zoo hevig,

dat wij alles in onze kamers moesten afsluiten. Aan eene zijde van

het hotel, waar de wind recht op staat, regende het echter zoo door

de ventilatie-openingen naar binnen, dat de gasten van daar allen

hebben moeten verhuizen. Wij hadden tegen negen uur vanochtend een

rijtuig besteld om eenige inrichtingen van onderwijs te gaan bezoeken,

toen men ons kwam waarschuwen, dat de typhoonseinen uithingen, en dat

er tijding was, dat op 300 mijl afstand een typhoon in de Chineesche

Zee was, die met een snelheid van 75 mijl in het uur in de richting

van Manilla zich voortbewoog. Wij rekenden uit, dat het dan nog vier

uren zou duren, alvorens die hier was en wij in dien tijd heel wat

konden doen. Wij zorgden evenwel om halfeen terug te zijn, juist

op tijd vóór de regen met zoo'n geweld neerplofte, dat geen paard

er door kon en wij in het dichtste rijtuig nog doornat zouden zijn

geworden. En toen op eens, zonder eenige voorafgaande waarschuwing,

kwam een storm van den zeekant opzetten, die elkeen, die op straat

was, van de been gooide, alles wat los was in de lucht deed warrelen,

en die ons in de gangen van het hotel zelfs met moeite liet staande

blijven. Het duurde echter niet langer dan een half uur, toen was de

typhoon, zooals men deze storm hier noemt, voorbij; den geheelen dag

bleef het echter winderig en regenachtig buiten.

Dat de Vereenigde Staten het ernstig meenen met de opvoeding der

Philippino's tot zelf-regeering, blijkt niet alleen uit de vele

verschillende onderwijsinrichtingen, die zij hier tot stand brachten,

waarover ik later uitvoerig hoop te schrijven, maar nog meer uit de

wijze, waarop zij nu reeds een groot deel van hetgeen in het belang

der Philippijnen moet worden gedaan, in handen van het volk zelf

gegeven hebben. In plaats van, zooals bij ons geschiedt, alle wetten

en verordeningen van uit het moederland pasklaar naar de koloniën over

te zenden, wordt over de innerlijke zakenregeling hier in het land

zelf beslist. Als wij nagaan, dat voor onze koloniën alles bedisseld

wordt in een Tweede Kamer, waarvan in den regel 98% nooit Java of een

onzer Buitenbezittingen gezien heeft en waarvan 75% nooit de minste

belangstelling in de ontwikkeling onzer koloniën getoond heeft, dan

komt het mij voor, dat er voor ons veel te leeren valt in de wijze,

waarop de Amerikanen de regeering der Philippijnen geregeld hebben.

Men heeft hier een Eerste en Tweede Kamer, een gouverneur-generaal,

gouverneurs voor elk der provinciën en gemeenteraden voor alle

steden en dorpen. Alleen Sulu-land en het land der Moro's, deze nog

onbeschaafde volkeren, worden van hooger hand geregeerd.

Toen wij de wensch te kennen hadden gegeven om goed op de hoogte

te komen van de wijze, waarop de Philippijnen geregeerd worden,

ontvingen wij spoedig daarna een boodschap van den president der

Assembly, zooals de Tweede Kamer hier genoemd wordt, met de vraag,

wanneer het ons gelegen kwam hem te ontvangen om ons alle gewenschte

inlichtingen te geven. Nog dienzelfden avond ontvingen wij hem,

alsmede Signor Antonio Torres, de secretaris van de Assembly.

Signor Sergio Osmena, de president, had alle brochures en gegevens

medegenomen, die ons in genoemd opzicht van dienst konden zijn en

verzekerde ons, dat hij gaarne bereid was, alle duistere punten voor

ons op te helderen.

De Philippijnsche eilanden dan worden geregeerd ongeveer op de wijze,

waarop in de Vereenigde Staten een Territory geregeerd wordt.

Vooreerst is er een gouverneur-generaal, die door de Vereenigde

Staten wordt benoemd, en die naast zich heeft 8 personen, waarvan

4 Amerikanen en 4 Philippino's zijn, die ook door de regeering in

Washington D.C. worden aangesteld, die hem in de uitoefening zijner

taak ter zijde staan. Deze 9 personen vormen te zamen "The Commission",

zooals zij hier genoemd worden, en werken in den geest van een Upper

House of Eerste Kamer. Tegelijkertijd staan de 8 Commissioners aan het

hoofd van vier departementen, die verdeeld zijn in: 1. Binnenlandsche

Zaken; 2. Financiën en Justitie; 3. Handel en Politie; en 4. Openbaar

Onderwijs, en oefenen dus zoo iets als een ministerstaak uit. Aan het

hoofd van elk dier departementen staat een Amerikaan en een Philippino.

De Assembly, zoo iets als de Tweede Kamer, bestaat uit 81

afgevaardigden, een voor elk distrikt, waarin de gezamenlijke eilanden

verdeeld zijn. Zij werden tot nu toe om de twee jaren gekozen, er

is echter een voorstel in behandeling, om de zittingsduur tot vier

jaren te verlengen, 't geen alle kans heeft aangenomen te worden. De

Assembly benoemt uit zijn midden een Speaker (voorzitter) en deze

stelt zijn eigen secretarissen aan. Signor Osmena is sedert de 5

jaar, dat de Assembly in functie is, steeds opnieuw tot Speaker

gekozen. Om tot lid van de Assembly gekozen te kunnen worden, moet

men 25 jaren oud zijn en verder aan dezelfde voorwaarden voldoen,

waaraan een kiezer voldoet. Kiezers zijn zij, die vóór 1898 burgers

waren van de Philippijnen en daarna trouw hebben gezworen aan de

nieuwe constitutie. Bovendien moeten zij kunnen lezen, spreken en

schrijven in de Engelsche of Spaansche taal, of een eigendom bezitten

dat 500 pesos (een peso = f 1.20 ongeveer) waarde heeft, of minstens

30 pesos jaarlijks in de directe belastingen betalen. Ook allen die

vóór 1898 tijdens de Spaansche regeering, eene officieele positie

in staat of gemeente innamen, zijn kiezers. Ik behoef er zeker niet

bij te voegen, dat al deze menschen, om kiezer te zijn, moeten zijn

van het mannelijk geslacht. Er heeft al reeds eens een voorstel de

Assembly bereikt om het kiesrecht in de Philippijnen tot de vrouwen

uit te breiden, doch om de een of andere reden is dit voorstel toen

niet in behandeling genomen. In begin October zal echter opnieuw zulk

een voorstel worden ingediend en behandeld; de Speaker is van oordeel,

dat het in de Assembly met algemeene stemmen zal worden aangenomen,

doch door de "Commission" zal worden verworpen. Mocht dat het geval

zijn, dan zal een dergelijk voorstel elk jaar opnieuw in de Assembly

worden ingediend, tot ten slotte de "Commission" er haar goedkeuring

aan verleent.

De macht van de Assembly gaat niet verder dan wetten en verordeningen

voor te stellen en te verwerpen of aan te nemen. Vóór zij, in het

laatste geval, echter tot wet worden verheven, moet de Commission

er over geraadpleegd worden; keurt die af, dan is de wet verloren;

keurt die goed, dan gaat zij naar het Congres in de Vereenigde Staten,

die er al dan niet het veto over uitspreekt.

Nu zitten in het Congres in Washington D.C. twee afgevaardigden

van de Philippijnen, die geen recht tot stemmen, maar wel recht tot

spreken hebben. Een der afgevaardigden wordt door de Assembly gekozen;

de ander wordt door de Commission aangewezen. Beiden moeten echter

Philippino's zijn en die door de Assembly wordt gekozen, moet de

goedkeuring van de Commission, en die door deze laatste gekozen wordt,

de goedkeuring van de Assembly hebben.

Deze twee mannen vertegenwoordigen in de Vereenigde Staten de belangen

der Philippino's en worden door de Vereenigde Staten betaald. Zij

ontvangen jaarlijks 'n salaris van 5000 dollars en bovendien 2000

dollars voor den eersten keer, om in de voorloopig te maken onkosten

te voorzien. Zoodra nu een wet, afkomstig van de Philippijnen, het

Congres bereikt, dan zijn zij daar om dat ontwerp toe te lichten en te

verdedigen. Men veronderstelt, dat de een daarbij het gezichtspunt

der Assembly, de ander dat van de Commission vertolkt, vooral,

wanneer deze beide lichamen niet in elk opzicht harmonieeren, Laat

mij niet vergeten te zeggen, dat de Commission niet alleen het recht

van aannemen of verwerpen van een wetsvoorstel heeft, maar dat zij

een wet ook mag amendeeren.

De leden van de Assembly ontvangen geen vast jaargeld, maar 30 pesos

voor elken dag, dat er een zitting plaats heeft en het lid aanwezig

is. Voor elke zittingsduur wordt eenmaal het reisgeld vergoed.

Verder zijn de gezamenlijke eilanden in 38 provinciën ingedeeld;

aan het hoofd van elke provincie staat een Philippino-gouverneur, die

door de kiezers uit de provincie gekozen wordt. Over de verkiezingen

moet evenwel de gouverneur-generaal zijn goedkeuring uitspreken.

Elke stad en elk dorp of dorpje heeft zijn gemeenteraad met een

president, zooals hier de burgemeester genoemd wordt, en twee tot

vier wethouders. Dezelfde personen, die kiezers zijn voor de Assembly,

zijn dit ook voor de gouverneurs en gemeenteraden.

Men ziet, dat Amerika slechts den een of anderen dag de

onafhankelijkheid der Philippijnen behoeft te verklaren, dan is

het geheele land gereed om de regeering in eigen handen over te

nemen. Daarnaar wordt sterk verlangd, want ondanks al het goede,

dat de Amerikanen hier gebracht hebben, zijn zij door het volk toch

niet geliefd. Het zijn alleen de ontwikkelde Philippino's, die al het

goede beseffen wat hier door de Vereenigde Staten tot stand wordt

gebracht, doch de groote onontwikkelde massa ziet in hen slechts

indringers, en wat meer zegt, menschen, die zij niet begrijpen en

daarom met groot wantrouwen bejegenen. Langzamerhand wordt dit wel

beter, nu zij de gunstige resultaten van al die nieuwigheden zien,

maar het zal nog een heelen tijd duren alvorens er een verhouding van

onderling vertrouwen tusschen Amerikanen en Philippino's tot stand

is gebracht. Met hoeveel voorzichtigheid de Amerikanen hier vele

nieuwe verordeningen moeten invoeren en de bevolking gewennen aan

een hygiënisch leven, daarvan vertelde de directeur van den Openbaren

Gezondheidsdienst vermakelijke staaltjes.

Reisbrieven uit Afrika en Azië benevens eenige brieven uit Zweden en Noorwegen · 第 105 / 133 题