HOOFDSTUK XXIV.

De Belgen staan tegen Willem I op.—Zelfopoffering van J. C. J.

van Speyk.—Tiendaagsche veldtocht.

In Juli had er in Frankrijk weder eene omwenteling plaats, waardoor de

Fransche Koning Karel X werd verdreven en vervangen werd door Lodewijk

Filips. Deze gebeurtenis was voor de Belgen het sein tot den opstand.

Den 26 Augs. 1830 ontstond er te Brussel bij het uitgaan van den

schouwburg oproer, dat door de schandelijkste tooneelen van moord en

plundering werd gekenmerkt.

Willem I, diep getroffen op het vernemen dezer treurige gebeurtenis,

zond terstond zijn beide zonen, den Prins van Oranje en Prins Frederik

naar Brussel om, indien mogelijk, den opstand te dempen. Den 23 Sept.

1830 deden zij een aanval op de Schaerbeeksche poort. De prinsen zagen

zich echter genoodzaakt, met gevaar van hun leven, het oproerige Brussel

weder te verlaten.

Intusschen breidde de opstand in de Belgische steden zich meer en meer

uit. Te Antwerpen werd den 27 Oct. 1830 den opstandelingen een gevoelige

les gelezen. Baron Chassé toch bombardeerde het oproerige Antwerpen uit

de naburige Citadel zoodanig dat de vijanden verplicht werden, al de

voorwaarden aan te nemen, welke de grijze Chassé hun voorschreef en

waarbij zij zich verbinden moesten, voortaan alle vijandelijkheden te

staken. De Belgen schonden echter gedurig deze overeenkomst. Dit bleek

onder anderen op den 5 Febr. 1831. De kanonneerboot No. 2, onder bevel

van den dapperen luitenant J. C. J. van Speyk, was door een zwaren storm

bij Antwerpen aan wal gedreven, waarop de Belgen zich eensklaps met een

groote overmacht op het gestrande vaartuig wierpen en eischten, dat de

bevelhebber zich zou overgeven. In plaats echter van aan dezen eisch te

voldoen, snelt Van Speyk naar beneden, steekt den brand in het kruit en

vliegt, als een tweede Klaassens, met vriend en vijand in de lucht.

[Illustratie: DE AANVAL DER NEDERLANDSCHE TROEPEN OP DE SCHAERBEEKSCHE

POORT TE BRUSSEL.]

Deze heldhaftige zelfopoffering bezielde de geheele natie met een

heldenmoed, waarvan in den kort daarop volgenden tiendaagschen

veldtocht de schoonste blijken gegeven werden.

[Illustratie: J. C. J. VAN SPEYK.]

De Belgen toch dreven hun ondankbaarheid zoover, dat zij het stamhuis

van Oranje voor altijd van den troon uitsloten. Na langdurige

beraadslagingen hadden zij prins Leopold van Saksen Coburg tot hun

Koning verkozen. Willem I verklaarde echter, dat hij dien prins als

zijn vijand beschouwde en gewapenderhand zijne rechten verdedigen zou.

[Illustratie: SLAG BIJ HASSELT.]

Daarop stelde zich ons leger den 2 Aug. 1831 in beweging, onder

aanvoering van den Prins van Oranje en Prins Frederik en reeds op den 3

Aug. werd Turnhout ingenomen. Daarna werden achtereenvolgens bij Diest,

Bheringen, Hasselt en Bautersem slagen geleverd, waarbij de Belgen

overal de nederlaag leden en schandelijk vluchten moesten. Nu zette het

zegevierende leger zijn tocht naar Leuven voort. Het was op den weg

derwaarts, dat het paard van den Prins van Oranje, door een kogel

getroffen, dood ter aarde stortte. Hierop werden de Belgen, met prins

Leopold aan hun hoofd, zoodanig geslagen, dat alles verloren was, en

het Nederlandsche leger den 13 Aug. Leuven zegevierend binnentrok.

Na deze overwinning werd ons dapper leger eensklaps in zijn verdere

ondernemingen gestuit, daar, op verzoek van prins Leopold, een Fransch

leger van 50.000 man, onder den maarschalk Gerard, de Belgen te hulp

snelde. De Engelsche gezant Sir Robert verscheen in het hoofdkwartier

van den Prins om aan dezen dit bekend te maken. Deze Fransche hulp, door

Engeland dus goedgekeurd, stelde onze moedige krijgslieden zeer te leur,

daar zij op het punt stonden, ook België's hoofdstad in te nemen. Onze

moedige veldheer, de hertog van Saksen-Weimar, was reeds met zijne

dapperen Leuven voorbij gesneld en den weg naar Brussel ingeslagen,

alles voor zich doende vluchten,—toen een renbode, door den Prins van

Oranje afgezonden, hem den last gaf, van verdere vervolging af te zien.

Groot was zijn spijt, doch hij moest terugtrekken, daar de prins van

zijn vader bevel ontvangen had, geen strijd met de Franschen aan te

vangen. Dit toch had aanleiding kunnen geven tot een Europeeschen

oorlog. Zoo eindigde de tiendaagsche veldtocht, die altijd in onze

geschiedenis een eervolle plaats bekleeden zal.

Uit de kanonnen, die men in den tiendaagschen veldtocht veroverd had,

werden metalen kruisen gemaakt, die den soldaten als eereteeken werden

uitgereikt. Met een lintje op de borst vastgehecht, waren die kruisen

voor de oud-strijders een sieraad, dat ze niet voor goud zouden willen

geruild hebben.

God redde Nederland gedenkschrift bij gelegenheid van het honderd-jarig jubileum van Neerlands herkregen onafhankelijk volksbestaan (30 Nov. 1813 - 30 Nov. 1913) · 第 34 / 39 题