Mosfeia.--De Scheik.--Denham, Clapperton, Oudney.--Vogel.--De
hoofdstad van Loggoum.--Toole.--Windstilte boven Kernak.--De
landvoogd en zijn hof.--De aanval.--De brandduiven.
Des anderen daags, den 11den Mei, hernam de ballon zijn avontuurlijken
loop, de reizigers vertrouwden op hem als de zeeman op zijn
schip. Vreeslijke orkanen, keerkringshitte, gevaarlijke opstijgingen,
nog gevaarlijker dalingen, dit alles was zij goed te boven gekomen. Men
kan zeggen dat Ferguson hem met een enkel gebaar bestuurde en de
doctor koesterde geene vrees omtrent den goeden uitslag der reis,
zonder echter het punt van aankomst te weten. Maar in dit land van
barbaren en dweepers verplichtte de voorzichtigheid hem de strengste
voorzorgen te nemen; hij beval dus zijne reisgenooten aan voortdurend
een oog in 't zeil te houden. De wind voerde hen een weinig meer
noordwaarts en tegen negen uur zagen zij de groote stad Mosfeia,
op eene hoogte gebouwd, welke zelve tusschen twee hooge bergen ligt
besloten; zij was onneembaar, een nauwe weg tusschen een moeras en
een bosch verleende den eenigen toegang tot haar. Op dit oogenblik
deed een Scheik, vergezeld van een geleide te paard, in veelkleurige
kleederen, voorafgegaan door trompetters en voorloopers, die de
takken voor hem uit den weg ruimden, zijne intrede in de stad. De
doctor daalde neder om deze inlanders meer van nabij te zien, maar
naar mate de ballon grooter werd in hunne oogen, gaven zij teekens
van groote vrees en snelden weg met al de snelheid hunner voeten of
paarden. De Scheik alleen ging niet van zijne plaats, nam zijn lang
musket, laadde het en wachtte moedig. De doctor naderde op nauwelijks
150 voet afstand en groette hem vriendelijk in het Arabisch. Maar op
deze woorden, die uit den hemel kwamen, sprong de Scheik ter aarde,
knielde in het stof op den weg en de doctor kon hem van zijn gebed
niet afhouden.--"Het is onmogelijk," zeide hij, "dat deze lieden ons
anders dan voor bovennatuurlijke wezens houden; bij de eerste aankomst
van Europeanen hielden zij hen voor een bovenmenschelijk ras. En
als de Scheik van deze ontmoeting spreekt, zal hij het feit met alle
hulpmiddelen eener arabische verbeeldingskracht opsieren. Oordeelt
nu eens, wat de legenden eens van ons zullen zeggen."--"Het zal
misschien te bejammeren zijn," antwoordde de jager, "in het belang
der beschaving zou het beter zijn voor eenvoudige menschen door te
gaan, dat zou aan die negers een geheel ander denkbeeld geven van de
europeesche macht."--"Juist, mijn waarde Dick; maar wat kunnen wij
er aan doen? Al verklaardet gij aan de geleerden van dit land in het
breede de samenstelling en werking van een luchtballon, zij zouden
het niet begrijpen en altijd aan eene bovennatuurlijke tusschenkomst
gelooven."--"Mijnheer," vroeg Joe, "gij hebt gesproken van de eerste
Europeanen, die dit land onderzocht hebben, wie zijn dat?"--"Mijn
beste jongen, wij zijn juist op den weg, dien Denham gevolgd is: te
Mosfeia werd hij ontvangen door den Sultan van Mandara; hij had Bornou
verlaten, vergezelde den Scheik op eene expeditie tegen de Fellatahs,
woonde den aanval op de stad bij, die met de pijlen harer bewoners
dapper weerstand bood aan de arabische kogels en de troepen van den
Scheik op de vlucht jaagde, dit alles was slechts een voorwendsel
tot moord en plundering; de majoor werd geheel uitgeplunderd, naakt
uitgeschud en zonder een paard, onder welks buik hij zich verborg en
dat hem, door zijn snellen loop, in staat stelde de overwinnaars te
ontkomen, zou hij nooit weder te Kouka, hoofdstad van Bornou gekomen
zijn."--"Wie was die majoor Denham?"--"Een onverschrokken Engelschman,
die van 1822 tot 1824 het bevel voerde over eene expeditie in Bornou,
vergezeld door kapitein Clapperton en doctor Oudney; zij vertrokken
in Maart van Tripoli, kwamen te Mourzouk, hoofdstad van Fezzan en den
weg volgende, dien later doctor Barth moest inslaan om naar Europa
terug te keeren, kwamen zij den 16den Februari 1823 te Kouka, bij het
meer Tchad. Denham deed verscheidene ontdekkingstochten in Bornou,
Mandara en aan de oostelijke oevers van het meer; gedurende dien
tijd drongen kapitein Clapperton en doctor Oudney den 15den December
1823 in Soudan tot Sackatou door en Oudney stierf van vermoeienis
en uitputting in de stad Murmur."--"Dit gedeelte van Afrika," vroeg
Kennedy, "heeft der wetenschap dus vele slachtoffers gekost?"--"Ja,
deze streek is noodlottig; wij gaan recht toe op het koninkrijk
Barghimi, waar Vogel in 1836 doortrok om in Wadaï door te dringen,
waar hij verdwenen is. Deze jongeling werd, drie-en-twintig jaar oud,
gezonden om doctor Barth te helpen: zij ontmoetten elkander den 1sten
December 1854, waarop Vogel het land begon te onderzoeken; omstreeks
1856 gaf hij in zijne laatste brieven zijn voornemen te kennen om het
koninkrijk Wadaï te doorkruisen, waar geen Europeaan nog was geweest;
het schijnt, dat hij de hoofdstad Wara bereikte, waar hij volgens
sommigen gevangen werd genomen, volgens anderen ter dood gebracht,
omdat hij een heiligen berg der omstreken had trachten te beklimmen;
maar men moet niet zoo licht aan den dood der reizigers gelooven, dit
wint de moeite uit hen op te zoeken; hoe dikwijls toch is de tijding
van den dood van doctor Barth officieel bekend gemaakt, hetgeen hem
dikwijls rechtmatig verbitterde! Het is dus zeer mogelijk dat Vogel
door den sultan van Wadaï wordt gevangen gehouden, in de hoop hem te
doen loskoopen. De baron Neimans ging op weg naar Wadaï, toen hij in
1855 te Kaïro stierf. Wij weten nu dat de Heuglin met de expeditie
van Leipzig de sporen van Vogel gevolgd is, dus zullen wij weldra
zekerheid hebben omtrent het lot van dien jongen en belangwekkenden
reiziger." [46]
Mosfeia was reeds lang aan den horizon verdwenen, Mandara vertoonde
aan de blikken der reizigers zijne verbazende vruchtbaarheid
met zijne acacia-bosschen en de kruidachtige planten der katoen-
en indigo-velden; de Shari, die 80 mijlen verder zich in het meer
Tchad stort, stroomde onstuimig verder. De doctor wees op de kaarten
zijn loop aan zijne reisgezellen.--"Gij ziet," zeide hij, "dat de
onderzoekingen van dien geleerde uiterst nauwkeurig zijn; wij gaan
recht af op het district Loggoum en misschien zelfs op de hoofdstad
Kernak; daar stierf de ongelukkige Toole, nauwelijks 22 jaar oud;
hij was een jonge Engelschman, vaandrig van het 80ste regiment, die
zich sedert eenige weken bij majoor Denham in Afrika had gevoegd,
waar hij weldra den dood vond. Men kan deze onmetelijke streek met
recht het kerkhof der Europeanen noemen."
Eenige kano's, vijftig voet lang, zakten de Shari af; de Victoria, 1000
voet van de aarde, trok weinig de aandacht der inlanders tot zich, maar
de wind, die tot heden nog al hevig was, begon te gaan liggen.--"Zullen
wij weder windstilte krijgen?" zeide de doctor.--"Goed, meester, wij
zullen niet altijd gebrek aan water hebben, noch de woestijn behoeven
te vreezen."--"Neen, maar nog geduchter volken."--"Zie," zeide Joe,
"iets dat op eene stad gelijkt."--"Dat is Kernak. De laatste zucht
van den wind voert ons daarheen en wij kunnen, als wij willen, een
nauwkeurigen platten grond daarvan teekenen."--"Zullen wij niet nader
komen?" vroeg Kennedy.--"Niets is gemakkelijker, Dick, wij zijn recht
boven de stad; laat mij de kraan van de gaspijp een weinig toedraaien
en wij zullen weldra dalen."
De Victoria bleef een halfuur daarna onbeweeglijk op tweehonderd voet
van den grond.--"Nu zijn wij dichter bij Kernak," zeide de doctor,
"dan een man op het kruis der St. Paulskerk te Londen van den grond
is. Dus kunnen wij op ons gemak zien."--"Wat is toch dit geluid van
houten hamers, dat men aan alle kanten hoort?" Joe keek oplettend
rond en zag dat het geraas werd gemaakt door de talrijke wevers,
die in de open lucht hun linnen klopten, dat uitgespreid was op
groote boomstronken. De hoofdstad van Loggoum kon dus in haar geheel
worden waargenomen, gelijk een ontrolde plattegrond; het was een ware
stad met op eene rechte lijn staande huizen en vrij breede straten;
op het midden van een groot plein werd slavenmarkt gehouden, er
was een groote toevloed van klanten; want de mandaraansche vrouwen,
die zeer kleine handen en voeten hebben, zijn zeer gezocht en worden
voordeelig verkocht.
Het gezicht van den ballon had de reeds zoo dikwijls vermelde
gevolgen; eerst kreten en daarop eene stomme verbazing; de zaken
werden geschorst, het geraas hield op. De reizigers bleven
onbeweeglijk en verloren geene enkele bijzonderheid van deze
volkrijke stad uit het oog, zij daalden zelfs tot op zestig voet
van den grond. Toen kwam de gouverneur van Loggoum uit zijne woning,
zijn groenen standaard ontrollende, vergezeld door zijne muzikanten,
die op schelle buffelhoorns bliezen en de menigte verzamelde zich
om hem. Doctor Ferguson wilde zich doen verstaan, het gelukte hem
niet. Deze bevolking, met een hoog voorhoofd, gevlochte haren en een
arendsneus, scheen fier en verstandig, maar de tegenwoordigheid van
de Victoria bracht haar zonderling in de war; men zag ruiters naar
alle richtingen snellen; weldra werd het duidelijk dat de troepen
van den vorst zich verzamelden om een zoo buitengewonen vijand te
bestrijden. Joe ontplooide zakdoeken van alle kleuren, het baatte
niets. Echter gebood de Scheik, door zijn hof omringd, stilte en sprak
eene redeneering uit, waarvan de doctor niets begreep; het was arabisch
vermengd met barghimisch; maar aan de algemeene gebarentaal herkende
hij eene bepaalde uitnoodiging om heen te gaan; hij zou niets liever
hebben gewenscht, maar bij gebrek aan wind was dit onmogelijk. Zijne
onbeweeglijkheid verbitterde den Scheik en zijne hovelingen begonnen
te huilen om het monster te verplichten zijn weg te vervolgen.
Deze hovelingen waren zonderlinge personages, met vijf of zes
kakelbonte hemden om het lijf; zij hadden vreeslijk dikke buiken, van
welke eenigen valsch schenen. De doctor verbaasde zijne reisgezellen
door hun mede te deelen dat dit de wijze was om den sultan het hof te
maken. De omvang van het onderlijf was de maatstaf voor de eerzucht der
mannen. Deze dikke menschen maakten gebaren, schreeuwden, vooral een
van hen, die eerste minister moest zijn, als ten minste zijn omvang
hier beneden zijn belooning ontving. De menigte der negers voegde
hunne kreten bij die van het hof, terwijl zij de gebaren even als
apen nabootsten, hetgeen eene enkele en oogenblikkelijke beweging van
tienduizend armen veroorzaakte. Bij deze middelen tot het aanjagen
van vrees, die onvoldoende werden geacht, voegde men andere, die
geduchter waren. Soldaten, gewapend met bogen en pijlen, schaarden
zich in slagorde; maar reeds zwol de Victoria en steeg bedaard
buiten hun bereik. De Scheik, toen een musket grijpende, mikte op den
ballon. Maar Kennedy hield hem in het oog en met een kogel uit zijne
karabijn verpletterde hij het wapen in de hand van den Scheik. Op deze
onverwachte slag volgde eene algemeene vlucht, iedereen keerde, zoo
snel hij kon, naar zijne hut terug, en gedurende het overige gedeelte
van den dag bleef de stad geheel eenzaam. De nacht kwam en met hem
volkomen windstilte. Men moest besluiten onbeweeglijk te blijven op
driehonderd voet van den grond, geen enkel vuur schitterde in het
duister, er heerschte eene doodelijke stilte. De doctor verdubbelde
zijne waakzaamheid; die stilte kon wel een valstrik verbergen. En
hij had niet mis geraden. Tegen middernacht scheen de geheele stad
in vuur; honderden vuurstreepen kruisten zich even als vuurpijlen,
die eene aaneenschakeling van vlammen vormden.--"Dat is zonderling,"
zeide de doctor.--"Maar God vergeve mij!" antwoordde Kennedy, "men
zou zeggen dat de brand ons nadert."--Inderdaad verhief zich deze
vuurmassa, bij het geluid van verschrikkelijke kreten en losbrandingen
van musketten, naar de Victoria. Joe maakte zich gereed ballast uit te
werpen, Ferguson begreep weldra het verschijnsel. Duizenden duiven,
wier staarten voorzien waren van brandbare stoffen, waren tegen de
Victoria opgelaten; verschrikt stegen zij op terwijl zij in de lucht
kringen vuur beschreven. Kennedy begon al zijn schietgeweer te lossen,
maar wat vermocht hij tegen zulk eene tallooze menigte? Reeds omringden
de duiven het schuitje en den ballon, welke, dit licht terugkaatsende,
in eene vuurzee scheen te zweven. De doctor aarzelde niet en een stuk
kwarts uitwerpende, hield hij zich buiten het bereik der aanvallen van
die gevaarlijke vogels; twee uren lang zag men hen in den nacht heen
en weder vliegen, langzamerhand verminderde hun aantal en de vuren
gingen uit.--"Nu kunnen wij gerust slapen," zeide de doctor.--"Niet
slecht uitgedacht voor wilden," zeide Joe.--"Ja, zij bezigen gemeenlijk
deze duiven om de strooien daken der dorpen in brand te steken, maar
deze keer vloog het dorp hooger."--"Een ballon heeft bepaald geene
vijanden te vreezen."--"Wel zeker," antwoordde de doctor.--"Welke
dan?"--"De onvoorzichtigen in zijn schuitje; waakt dus overal en
altijd, mijne vrienden."