XXV.

Een weinig wijsbegeerte.--Een wolk aan den horizon.--Te midden

van een mist.--De onverwachte ballon.--De teekens.--Nauwkeurig

gezicht van den Victoria.--De palmboomen.--Spoor van eene

karavaan.--De put in de woestijn.

Des anderen daags was de lucht even helder, de dampkring was

heet. De Victoria steeg tot eene hoogte van 500 voet, maar ging

slechts weinig naar het westen. "Wij zijn in de woestijn," zeide

de doctor. "Zie hier de onmetelijke zandvlakte! Welk een vreemd

schouwspel! Welke zonderlinge schikking der natuur! Waarom is daar

ginds die weelderige plantengroei, hier deze groote dorheid en dat

op dezelfde breedte en onder dezelfde zonnestralen?"--"Het waarom

verontrust mij weinig, mijn waarde Samuel, het feit bekommert mij

meer."--"Men moet wel een weinig wijsgeer zijn, mijn waarde Dick,

dat kan geen kwaad."--"Laat ons redeneeren, ik heb daar niets tegen,

wij hebben den tijd, wij gaan nauwelijks vooruit. De wind vreest te

waaien, hij slaapt."--"Dat zal niet aanhouden," zeide Joe, "ik meen

eenige wolken in het westen te zien."--"Joe heeft gelijk," zeide de

doctor.--"Goed," zeide Kennedy, "zou die wolk ons bereiken met een

goeden regen en een goeden wind?"--"Wij zullen zien, Dick."--"Het

is toch Vrijdag, meester, en ik wantrouw de vrijdagen."--"Welnu! ik

hoop dat gij heden van uwe vooroordeelen zult terugkomen."--"Ik

wensch het mijnheer, Dick!" zeide hij, zich het gelaat afdrogende,

"de hitte is eene goede zaak, voornamelijk in den winter, maar in den

zomer moet men er geen misbruik van maken."--"Vreest gij de zonnehitte

niet voor onzen ballon?" vroeg Kennedy aan den doctor.--"Neen, de

gutta percha, waarmede het taf is overtrokken, kan veel grootere hitte

verdragen. Die, waaraan ik het van binnen heb blootgesteld door middel

der slang, is soms 158° Fahrenheit geweest en het bekleedsel schijnt

niet te hebben geleden."--"Eene wolk! eene wezenlijke wolk!" riep

op dit oogenblik Joe uit, wiens scherp gezicht alle verrekijkers

beschaamd maakte.

Inderdaad verhief zich eene dikke en nu zeer duidelijk zichtbare

wolk langzaam boven den horizon; het was eene opeenhooping van

kleine wolken, zij behielden onveranderlijk haren eersten vorm,

waaruit de doctor opmaakte dat daar geen luchtstroom was. Deze

dicht opeengepakte massa was tegen acht uur 's morgens verschenen,

en eerst ten elf uur bereikte zij de schijf der zon, die geheel en al

achter dit dikke scherm verdween; op hetzelfde oogenblik verliet het

onderste gedeelte der wolk den horizon, die nu ten volle verlicht

was.--"Het is slechts eene afzonderlijke wolk," zeide de doctor,

"wij moeten niet te veel op haar rekenen; zie, Dick, hare gedaante

is nog precies dezelfde als dezen morgen."--"Inderdaad, Samuel, er

is regen noch wind, voor ons ten minste."--"Het staat te vreezen,

zij blijft zeer hoog staan."--"Welnu! Samuel, als wij eens die wolk

gingen opzoeken, die boven ons niet wil losbarsten."--"Ik geloof dat

het ons niet veel zal helpen," antwoordde de doctor, "het zal gas en

bijgevolg eene aanzienlijke hoeveelheid water vermorsen zijn."

De doctor zette de vlam van de gaspijp in de spiralen der slang aan,

eene groote hitte ontwikkelde zich en weldra steeg de ballon. Op

ongeveer 1500 voet hoogte ontmoette hij de ondoorschijnende massa der

wolk en kwam in een dikken mist, terwijl hij zich op deze hoogte hield,

maar vond er geen den minsten wind; deze mist scheen zelfs niet eens

vochtig en de voorwerpen aan hem blootgesteld werden nauwlijks nat. De

Victoria, door dien damp omgeven won er misschien een snelleren

gang door, dat was alles. De doctor zag met verdriet het geringe

gevolg zijner handelwijze, toen hij Joe met alle teekens der grootste

verbazing hoorde uitroepen: "Oh!"--"Wat is het dan, Joe?"--"Meester,

mijnheer Kennedy, dat is vreemd!"--"Wat is er dan?"--"Wij zijn

niet alleen hier! er zijn indringers. Men heeft onze uitvinding

gestolen?"--"Wordt hij gek?" vroeg Kennedy.--Joe stelde het standbeeld

der verbazing voor! Hij bleef onbeweeglijk.--"Zou de zon den geest

van dezen armen jongen in de war hebben gebracht?" zeide de doctor

zich tot hem wendende.--"Zult gij mij zeggen?...."--"Zie, mijnheer,"

zeide Joe, een punt in de ruimte aanwijzende.--"Bij St. Patrick!" riep

Kennedy op zijne beurt uit, "dat is ongeloofelijk! Samuel! Samuel,

zie eens!"--"Ik zie," antwoordde de doctor bedaard.--"Een anderen

ballon! andere reizigers zoo als wij!"

Inderdaad zweefde er op twee honderd schreden afstands een

luchtballon met zijn schuitje en zijne reizigers in de lucht; hij

volgde denzelfden weg als de Victoria.--"Welnu!" zeide de doctor,

"er blijft ons slechts over hem teekenen te geven, neem de vlag,

Kennedy, en laat onze kleuren zien."--Het scheen dat de reizigers

in den anderen luchtballon dezelfde gedachte hadden, want dezelfde

vlag herhaalde dezelfde groete met de hand en op geheel dezelfde

wijze.--"Wat beteekent dit?" vroeg de jager.--"Het zijn apen," riep

Joe uit, "zij houden ons voor den gek."--"Dat beteekent," antwoordde

Ferguson lachende, "dat gij zelf dit teeken maakt, mijn waarde Dick,

dat wil zeggen, dat wij zelf in dit tweede schuitje zijn! die ballon

is niet anders dan de Victoria."--"Wat dat betreft, meester, met uw

verlof," zeide Joe, "dat zult gij mij nooit wijs maken."--"Klim op den

rand, Joe, slinger met uwe armen en gij zult zien."--Joe gehoorzaamde,

hij zag onmiddellijk zijne eigene gebaren herhaald.--"Het is slechts

een gevolg van luchtspiegeling," zeide de doctor, "en niets anders,

een eenvoudig optisch verschijnsel; het wordt teweeggebracht

door de ongelijke breking der luchtlagen."--"Welk een merkwaardig

schouwspel!" hernam Kennedy. "Het doet mij genoegen onzen goeden

ballon te zien! Weet gij wel dat hij er goed uitziet en zich statig

houdt?"--"Gij kunt de zaak op uwe wijze uitleggen zoo als gij wilt,"

zeide Joe, "het is evenwel een vreemd verschijnsel."

Maar weldra verdween dit beeld trapsgewijze, de wolken stegen op eene

grootere hoogte, den Victoria verlatende, die niet beproefde haar

te volgen en na een uur verdwenen zij geheel.--De wind, nauwelijks

merkbaar, scheen nog zwakker te worden. De doctor naderde wanhopig

den grond. De reizigers, die door dit voorval aan hunne bekommeringen

waren onttrokken, vervielen weder in treurige gedachten, gekweld

als zij waren door eene verschroeiende hitte. Tegen vier uur wees

Joe een verheven voorwerp aan op de onmetelijke zandvlakte, en hij

kon weldra verzekeren, dat twee palmboomen zich op geringen afstand

verhieven.--"Palmboomen," zeide Ferguson, "dan is er eene fontein, een

put?"--Hij nam zijn verrekijker en verzekerde zich dat de oogen van Joe

zich niet bedrogen.--"Eindelijk," riep hij uit, "water! water! wij zijn

gered, want, hoe weinig wij ook vorderen, wij gaan altijd voorwaarts

en zullen aankomen!"--"Welnu, mijnheer!" zeide Joe, "als wij eens

in afwachting dronken? De lucht is waarlijk verstikkend."--"Laat ons

drinken, mijn jongen."

Niemand liet zich lang noodigen. Een geheele pint werd opgedronken

waardoor hun voorraad tot drie en een halve pint verminderde.--"Hm! dat

doet goed!" zeide Joe. "Het bier van Perkins heeft mij nooit zoo

goed gesmaakt."--"Dat zijn de voordeelen der ontbering," antwoordde

de doctor.

Ten zes uur zweefde de Victoria boven de palmboomen. Het waren

twee dunne en tengere boomen bijna zonder bladeren, meer dood dan

levend. Ferguson beschouwde ze met schrik. Aan hun voet zag men half

uitgespoelde steenen eener put; maar die steenen door de zonnehitte

verkalkt, schenen slechts stof te zijn. Er was zelfs geen schijn

van vocht. Het hart van Samuel kromp in een en hij was op het punt

zijne vrees aan zijne reisgezellen mede te deelen, toen hun geroep

zijne oplettendheid gaande maakte. Ver in het westen zag men eene

rij uitgebleekte beenderen; gedeelten van geraamten omringden de

fontein; eene karavaan was tot hiertoe gekomen, en het bewijs van

haren doortocht leverde deze groote massa beenderen; de zwaksten

waren langzamerhand in het zand gevallen, de sterksten aan deze zoo

gewenschte bron gekomen en hadden een ijsselijken dood gevonden aan

haren rand. De reizigers zagen elkander verbleekende aan.--"Laat

ons niet dalen," zeide Kennedy, "maar dit afgrijsselijke schouwspel

ontvlieden! Daar is geen druppel water."--"Neen, Dick, wij moeten

ons geweten geruststellen. Het is even goed hier den nacht door te

brengen als elders. Wij zullen dezen put tot op den bodem onderzoeken;

er is eene bron geweest, misschien is er iets van overgebleven."

De Victoria daalde neder; Joe en Kennedy plaatsten in het schuitje

de noodige hoeveelheid zand en daalden af. Zij liepen naar den put en

daalden er in langs eene trap die enkel stof was. De bron scheen reeds

lang uitgedroogd. Zij groeven in het drooge zand, er was geen spoor van

vocht.--De doctor zag hen weder opklimmen, zuchtende, ontdaan, bedekt

met een fijn stof, afgemat, ontmoedigd en wanhopig. Hij gevoelde dat

hij van dit oogenblik af moed en kracht voor allen moest hebben. Joe

bracht de stukken van een gebroken pot mede, hij wierp die toornig

onder de op den grond verspreide beenderen. Gedurende het avondmaal

werd er geen enkel woord tusschen de reizigers gewisseld, zij aten

met weerzin. En echter hadden zij nog niet de wezenlijke kwellingen

van den dorst geleden, zij wanhoopten slechts voor de toekomst.

Vijf weken in een luchtballon · 第 28 / 56 题