Het electrieke licht.--De zendeling.--Ontvoering te midden van
een lichtstraal.--De lazaristenpriester.--Weinige hoop.--Zorgen
des doctors.--Een leven van verloochening.--Overtocht van
een vulkaan.
Ferguson richtte zijn schitterenden lichtstraal naar verschillende
kanten en deed hem stilstaan op eene plaats, waar kreten van schrik
zich deden hooren. Zijne twee reisgezellen wierpen een onderzoekenden
blik daarheen. De baobab, waarboven de Victoria bijna onbeweeglijk
zweefde, verhief zich in het midden eener opene plek; tusschen velden
sesam en suikerriet zag men een vijftigtal lage en kegelvormige
hutten, rondom welke een talrijke stam wemelde. Honderd voet onder den
luchtballon was een paal opgericht. Aan den voet van dien paal lag eene
menschelijke gedaante, een jongeling van hoogstens dertig jaar oud,
met lange zwarte haren, half naakt, mager, bebloed, met wonden bedekt,
en het hoofd op de borst gezonken. Eenige kortere haren op de kruin van
het hoofd toonden nog de plaats van eene half verdwenen tonsuur.--"Een
zendeling! een priester!" riep Joe uit.--"Arme ongelukkige!" antwoordde
de jager.--"Wij zullen hem redden, Dick," zeide de doctor.
De negers, den ballon bemerkende, gelijk aan eene ontzettend
groote komeet met een staart van schitterend licht, werden door
een gemakkelijk te begrijpen schrik aangetast. Op hunne kreten
hief de gevangene het hoofd op. Zijne oogen schitterden van
eene plotselinge hoop en, zonder te begrijpen wat er gebeurde,
strekte hij zijne handen naar deze onverwachte redders uit.--"Hij
leeft! hij leeft!" riep Ferguson uit; "God zij gedankt! Deze wilden
zijn door schrik getroffen! Wij zullen hem redden! Zijt gij gereed,
mijne vrienden?"--"Ja, Samuel."--"Joe, blaas de gasvlam uit."--Het
bevel des doctors werd uitgevoerd. Een bijna onmerkbare wind dreef
den ballon zachtkens boven den gevangene op hetzelfde oogenblik,
dat hij onmerkbaar daalde; tien minuten ongeveer bleef hij zwevende
te midden der lichtgolvingen. Ferguson liet zijn lichtbundel op de
menigte schijnen. De stam, onder den indruk eener onbeschrijfelijke
vrees, verdween langzamerhand in zijne hutten en de paal werd eenzaam
gelaten. De doctor had dus reden gehad te rekenen op de fantastische
verschijning van den ballon, die in deze dikke duisternis licht
verspreidde. Het schuitje naderde den grond. Eenige negers evenwel,
stoutmoediger dan de anderen, begrijpende dat hun slachtoffer hun ging
ontsnappen; kwamen met luide kreten terug; Kennedy nam zijn geweer,
maar de doctor verbood hem te schieten. De priester die geknield
lag, geen kracht hebbende om overeind te staan, was zelfs niet aan
den paal gebonden, want zijne zwakheid maakte dit onnoodig. Op het
oogenblik dat het schuitje bij den grond kwam, beurde de jager,
zijn wapen wegwerpende en den priester om het midden vattende,
hem in het schuitje en op hetzelfde oogenblik wierp Joe plotseling
de tweehonderd pond ballast weg. De doctor dacht nu zeer snel te
stijgen, maar de ballon bleef onbeweeglijk, na drie à vier voet
van den grond te zijn gestegen.--"Wie houdt ons terug?" vroeg hij
op een toon van schrik. Eenige wilden liepen toe, woeste kreten
slakende. "O!" riep Joe uit, naar buiten ziende, "een dezer vervloekte
zwarten hangt onder aan het schuitje!"--"Dick! Dick!" riep de doctor
uit, "de waterbak!" Dick begreep de gedachte van zijn vriend en
een der waterbakken, die meer dan honderd pond woog, opnemende,
wierp hij hem over boord. De Victoria eensklaps verlicht, verhief
zich 300 voet, te midden van het gehuil van den stam, aan welken de
gevangene ontsnapte in een oogverblindend licht.--"Hoezee!" riepen de
twee reisgezellen van den doctor uit. Plotseling rees de ballon op
nieuw tot op 1000 voet hoogte.--"Wat gebeurt er nu?" vroeg Kennedy,
die bijna het evenwicht verloor.--"Het is niets! die schelm laat ons
los," antwoordde Samuel Ferguson bedaard.--En Joe, snel naar buiten
ziende, kon nog den wilde zien, die, met de handen uitgestrekt, in de
ruimte ronddraaiende, weldra op den grond werd verpletterd. De doctor
verwijderde de twee electrieke draden van elkander en de duisternis
hernam haar gebied. Het was een uur 's morgens. De Franschman opende
eindelijk de oogen.--"Gij zijt gered," zeide de doctor.--"Gered;"
antwoordde hij in het Engelsch, met een droevigen glimlach, "gered
van een wreeden dood! Mijne broeders ik dank u, maar mijne dagen,
mijne uren zelfs zijn geteld en ik heb niet lang meer te leven." En de
zendeling verviel weder uitgeput in zijne bezwijming.--"Hij sterft,"
riep Dick uit.--"Neen," antwoordde Ferguson, zich over hem buigende,
"maar hij is zeer zwak; laat ons hem onder de tent leggen."
Zij legden dat vermagerde lichaam, bedekt met litteekens en nog
bloedende wonden, waar het ijzer en het vuur op twintig plaatsen
hunne smartelijke sporen hadden achtergelaten, zachtkens op hunne
dekens. De doctor maakte van zijne zakdoek een weinig pluksel,
dat hij op de wonden legde, na die alvorens gezuiverd te hebben;
dit deed hij met de bekwaamheid van een geneesheer; vervolgens een
opwekkend middel uit zijne verzameling geneesmiddelen nemende, goot
hij daarvan eenige druppels op de lippen van den priester. Deze drukte
zacht zijne handen en had nauwelijks de kracht om te zeggen: "Dank,
dank!" De doctor begreep dat men hem eene volstrekte rust moest laten
genieten; hij deed de zeilen der tent dicht en nam verder het bestuur
van den luchtballon op zich.--Deze, het gewicht van zijn nieuwen gast
medegerekend, was bijna 180 pond lichter geworden, hij bleef dus in
goeden stand zonder hulp van het gas. Bij het eerste morgenlicht dreef
een luchtstroom hem zachtjes naar het west-noord-westen. Ferguson
ging gedurende eenige oogenblikken den in zwijm liggenden priester
beschouwen.--"Mochten wij dien metgezel toch behouden, dien de hemel
ons heeft gezonden!" zeide de jager. "Hebt gij eenige hoop?"--"Ja,
Dick, met eene goede oppassing in eene zoo zuivere lucht."--"Wat
heeft die man al geleden!" zeide Joe ontroerd. "Weet gij dat hij
daar stoutmoediger dingen deed dan wij, door alleen te midden dezer
volksstammen te komen."--"Dat lijdt geen twijfel," antwoordde de
jager.--"Dezen geheelen dag wilde de doctor niet, dat de slaap van
den ongelukkige zou gestoord worden, het was eene lange bezwijming,
afgebroken door eenige pijnlijke zuchten, die Ferguson verontrustten
voor de veiligheid van allen. Des anderen daags 's morgens was de
Victoria nauwelijks naar het westen afgeweken; de dag beloofde fraai
te zijn. De zieke kon met eene luidere stem zijne vrienden roepen. Men
opende de zeilen der tent en hij ademde met volle teugen de zuivere
morgenlucht in."--"Hoe bevindt gij u?" vroeg Ferguson.--"Misschien
beter," antwoordde hij. "Maar u, mijne vrienden, heb ik nog slechts in
een droom gezien! Nauwelijks kan ik mij van het gebeurde rekenschap
geven! Wie zijt gij, opdat ik uwe namen in mijn laatste gebed
niet vergete?"--"Wij zijn Engelsche reizigers," antwoordde Samuel,
"wij hebben beproefd Afrika in een luchtballon door te trekken en op
onze reis hebben wij het geluk gehad u te redden."--"De wetenschap
heeft hare helden," zeide de zendeling.--"Maar de godsdienst
hare martelaars," zeide de Schot.--"Gij zijt zendeling?" vroeg de
doctor.--"Ik ben een priester van de zending der Lazaristen. De hemel
heeft u tot mij gezonden, hij zij daarvoor geprezen! De opoffering
van mijn leven was volbracht! Maar gij komt uit Europa, spreek mij
van Europa, van Frankrijk! Sedert vijf jaren heb ik geene tijdingen
ontvangen."--"Vijf jaren alleen onder deze wilden!" zeide Kennedy
verbaasd.--"Het zijn zielen, die moeten verlost worden, onwetende en
barbaarsche broeders, die alleen door den godsdienst kunnen onderwezen
en beschaafd worden."
Samuel Ferguson, aan den wensch van den zendeling gehoor gevende,
sprak hem veel over Frankrijk. Deze hoorde gretig naar hem en tranen
stroomden uit zijne oogen. De arme jongeling nam beurtelings de handen
van Kennedy en Joe in de zijnen, die van koortshitte brandden; de
doctor bereidde eenige koppen thee voor hem, die hij met graagte dronk;
toen had hij de kracht zich een weinig op te heffen en te glimlachen,
toen hij zich naar een zoo zuiveren hemel zag gevoerd.--"Gij zijt
stoutmoedige reizigers," zeide hij, "en gij zult in uwe onderneming
slagen, gij zult uwe bloedverwanten, uwe vrienden, uw vaderland
wederzien, gij...."
De zwakte van den jongen priester werd toen zoo groot, dat men
hem op nieuw moest doen nederliggen; eene verzwakking van eenige
uren deed hem als dood in de handen van Ferguson liggen. Deze
kon zijne ontroering niet bedwingen, hij gevoelde dat dit leven
langzamerhand verdween. Zouden zij hem dan zoo spoedig verliezen,
dien zij aan den marteldood hadden ontrukt? Hij verbond op nieuw
de verschrikkelijke wonden van den martelaar en moest het grootste
deel van zijn watervoorraad opofferen om zijne brandende ledematen
te verkoelen. Hij paste hem zorgvuldig op. De zieke kwam onder
zijne behandeling langzamerhand tot zich zelven en herkreeg zijn
bewustzijn. De doctor vernam zijne geschiedenis uit afgebroken
woorden.--"Spreek uwe moedertaal," zeide hij, "ik versta die en dat
zal u minder vermoeien."
De zendeling was een arm jongeling van het dorp Aradon in Bretagne;
zijne eerste neigingen deden hem den geestelijken stand aannemen; bij
dit leven van verloochening wilde hij nog het leven van gevaar voegen,
door zich in de orde der zendingpriesters, waarvan St. Vincentius de
Paula de roemrijke stichter was, te doen opnemen; twintig jaar oud
verliet hij zijn land om zich naar de ongastvrije streken van Afrika te
begeven. Vandaar naderde hij, de hinderpalen te boven komende, tegen
ontberingen worstelende, reizende en biddende, tot in het midden der
stammen, die aan de bovenste takken van den Nijl wonen; twee jaren lang
werd zijn godsdienst afgewezen, zijn ijver miskend, zijne liefdadigheid
slecht opgevat; hij bleef gevangen bij een der wreedste stammen
van Nyambarra, ten prooi aan duizend mishandelingen. Maar altijd
onderwees en bad hij. Deze stam verstrooid zijnde, werd hij na een der
talrijke gevechten tusschen stam en stam, voor dood achtergelaten en,
in plaats van op zijne schreden terug te keeren, vervolgde hij zijn
godsdienstigen pelgrimstocht. Zijn rustigste tijd was als men hem voor
gek hield; hij had zich de taal dezer streken eigen gemaakt en hield
godsdienstige vergaderingen. Eindelijk doorreisde hij nog twee lange
jaren die barbaarsche streken, voortgedreven door die bovenmenschelijke
kracht, die van God komt; sedert een jaar woonde hij onder dien stam
der Nyam-Nyam, Barafri genaamd en een der wildste. Toen het opperhoofd
eenige dagen geleden gestorven was, schreef men hem dien onverwachten
dood toe; men besloot hem te slachten; veertig uren duurde reeds zijne
marteling en, zoo als de doctor te recht had voorondersteld, hij moest
op den middag sterven. Toen hij de losbranding der vuurwapenen hoorde,
kreeg de natuur de overhand en hij riep: "Help! help!" Hij geloofde
gedroomd te hebben, toen eene stem van den hemel hem woorden van
troost toesprak.--"Ik betreur dit leven niet," zeide hij, "het behoort
aan God."--"Hoop nog," antwoordde de doctor, "wij zijn bij u, wij
zullen u van den dood redden, even als wij u aan de marteling hebben
ontrukt."--"Ik vraag zooveel niet van den hemel," zeide de priester
gelaten! "Geloofd zij God, dat ik vóór mijn sterven, de vreugde geniet
vriendenhanden te drukken en de taal van mijn land te hooren."
De zendeling werd op nieuw zwakker. De dag ging dus voorbij tusschen
hoop en vrees. Kennedy en Joe wischten zich heimelijk de oogen af. De
Victoria legde weinig wegs af en de wind scheen zijn kostbaren last
te willen sparen. Joe merkte tegen den avond een groot licht op in
het westen. Onder hoogere breedten zou men geloofd hebben, dat het
een noorderlicht was; de hemel scheen in vuur te staan. De doctor
onderzocht oplettend dit verschijnsel.--"Het kan slechts een werkende
vulkaan zijn," zeide hij.--"Maar de wind voert er ons boven," hernam
Kennedy. "Welnu! wij zullen hem op eene genoegzame hoogte overtrekken."
Drie uren daarna bevond zich de ballon in de bergen; zijne juiste
plaats was 24° 15' lengte en 4° 42' breedte; vóór hem stortte een
brandende krater stroomen gesmolten lava uit en wierp rotsblokken
uit tot eene groote hoogte; er waren stroomen vloeibaar vuur, die in
schitterende stralen nedervielen. Het was een prachtig en gevaarlijk
schouwspel, want de wind dreef in eene standvastige richting den
ballon naar dien brandenden dampkring. Dezen hinderpaal, dien men niet
had kunnen afwenden, moest men te boven komen; het gas werd met alle
kracht aangevoerd en de Victoria kwam op 6000 voet hoogte, tusschen
zich en den vulkaan een afstand van meer dan 300 vaam latende. De
priester kon van zijn ziekbed dezen brandenden krater zien, waaruit
met donderend geraas duizend verblindende vuurstralen opstegen.--"Hoe
schoon is dit," zeide hij, "en hoe eindeloos is Gods macht, zelfs in
zijne verschrikkelijkste openbaringen."
Deze uitstorting van brandende lava bedekte de zijden van den berg
met een waar tapijt van vlammen; het onderste gedeelte van den
ballon werd in den nacht verlicht; eene brandende hitte bereikte het
schuitje, en doctor Ferguson haastte zich die gevaarlijke stelling te
verlaten. Tegen 10 uur des avonds was de berg slechts een rood punt
aan den horizon, en de ballon vervolgde rustig zijne reis naar eene
minder hooge luchtstreek.