XV.

Maar hoe staat het met die andere fouten; zou een verstand, dat zich

klaarder bewust was van het doel des gemeenschappelijken levens, zich

ook daarvan niet kunnen bevrijden? Er zou heel wat te zeggen vallen

omtrent deze fouten, die nu eens 't gevolg zijn van onbekendheid met den

korf, dan weer van 't zwermen met zijne misgrepen, waarin wij de hand

hebben gehad. Maar naar hetgeen hij tot nu toe gezien heeft, kan ieder

naar willekeur aan de bijen verstand toekennen of ontzeggen. Ik ben er

niet op gesteld hen te verdedigen. Mij komt het zoo voor, dat ze in

verschillende omstandigheden begrip toonen te bezitten; doch al deden ze

blindelings al wat ze doen, dan zou mijne nieuwsgierigheid er niet

minder om zijn. 't Is interessant op te merken, hoe eenig brein in

zichzelf buitengewone hulpmiddelen vindt om te strijden tegen de koude,

den honger, den dood, den tijd, de ruimte of de eenzaamheid, al die

vijanden van de materie, die leven heeft verkregen; maar dat een wezen

er in slaagt zijn ingewikkeld en diep leventje te onderhouden zonder

iets meer dan zijn instinct, zonder iets anders te doen dan het zeer

gewone, dat is eveneens zeer interessant en zeer buitengewoon. Het

gewone en het buitengewone vloeien ineen en wegen tegen elkander op,

wanneer men ze op de rechte plaats stelt te midden der natuur. Niet zij,

die aangematigde namen dragen, maar het onbegrepene en onverklaarde

moeten onze blikken tot zich trekken, onze werkzaamheid aanvuren en een

nieuwen, juisten vorm geven aan onze gedachten, gevoelens en woorden, 't

Is verstandig zich niet op iets anders toe te leggen.

Het leven der bijen · 第 131 / 136 题