XIX.

De gangbare theorie, die bovendien door Buffon weer werd opgewarmd,

beweert, dat de bijen volstrekt geen plan hebben zeshoeken met

pyramidale basis te maken, dat ze eenvoudig ronde cellen in de was

willen graven, maar dat, daar hunne buurvrouwen, die aan de keerzijde

van de raat werken, tegelijkertijd aan het graven zijn met dezelfde

bedoelingen, de punten waar de cellen elkaar raken noodwendig een

zeshoekigen vorm aannemen. Datzelfde, voegt men er bij, is het geval met

de kristallen, met de schubben van sommige visschen, met zeepbellen,

enz.; datzelfde gebeurt ook in de volgende proef, die Buffon voorslaat.

"Vul", zegt hij, "een of ander pannetje met erwten of andere ronde

korrels en sluit het stevig dicht, nadat ge er zooveel water in hebt

gegoten, als de tusschenruimten tusschen de korrels kunnen bevatten;

laat dit water koken en al deze cylinders worden lichamen met zes

vlakken. De oorzaak hiervan, die van zuiver mechanischen aard is, is

duidelijk: ieder korreltje, dat een ronden vorm heeft, tracht bij het

zwellen eene zoo groot mogelijke plaats in te nemen in een gegeven

ruimte; noodzakelijk moeten ze dus alle door de wederkeerige drukking

zeshoekig worden. Ook iedere bij tracht een zoo ruim mogelijke plaats in

te nemen in een gegeven ruimte; zoo moeten dus eveneens, daar het

lichaam der bijen cylindrisch is, hunne cellen zeshoekig worden om

diezelfde reden, de wederzijdsche belemmeringen".

Het leven der bijen · 第 71 / 136 题