XVIII.

Natuurlijk geloof ik niet, dat de bijen deze ingewikkelde berekeningen

maken, maar evenmin geloof ik, dat het toeval of de loop der dingen deze

verrassende resultaten geeft. Voor de wespen b.v., die evenals de bijen

raten met zeshoekige cellen vervaardigen, was het probleem hetzelfde en

zij hebben dat op een veel minder vernuftige wijze opgelost. Hunne raten

hebben slechts ééne laag cellen en missen dien gemeenschappelijken

bodem, die tegelijk voor de twee tegenover elkander liggende lagen van

de raat der bijen dienst doet. Vandaar minder stevigheid, meer

onregelmatigheid en een verlies aan tijd, materiaal en plaats, dat men

op een vierde van het werk en een derde van de benoodigde ruimte kan

schatten. Zoo ook bouwen de Trigonen en de Meliponen, echte tamme bijen

doch op een lageren trap van beschaving staande, hunne voor de eitjes

bestemde cellen maar op één rij, en stutten hunne horizontaal en boven

elkander geplaatste raten door vormelooze en kostbare was-pilaren. Wat

hunne voor de provisie bestemde cellen betreft, dat zijn groote zakken,

die ordeloos naast elkaar staan, en daar waar ze elkaar zouden kunnen

snijden en bijgevolg de besparing aan materiaal en ruimte, waarvan de

bijen gebruik maken, in praktijk konden brengen, lasschen de Meliponen,

zonder op het denkbeeld van deze zuinigheid te komen, tusschen al die

ronde, cellen met vlakke wanden in. Vergelijkt men dan ook een hunner

nesten met de mathematische stad onzer honingbijen, dan meent men een

gehucht met primitieve hutjes te zien naast een onzer onberispelijk

regelmatige steden, welke het logisch, zij het dan ook niet zeer

bevallig, resultaat zijn van het genie van den mensch, die den strijd

tegen tijd, plaats en materie nog veel scherper heeft aangebonden dan

vroeger.

Het leven der bijen · 第 70 / 136 题