XV.

Heden is alles anders. 't Is waar, een zeker aantal arbeidsters gaat,

alsof er niets in aantocht was, kalm naar de velden, komt weer terug en

begeeft zich naar de kamers van de broedplaats zonder te worden

aangestoken door de algemeene opwinding. Dat zijn degenen, die niet met

de koningin meegaan en in de oude woning blijven om die te bewaken en te

zorgen voor de verpleging en voeding van de negen à tienduizend eieren,

de achttienduizend larven, de zes en dertig duizend nymphen en de zeven

of acht prinsessen, die men in den steek laat. Ze zijn uitgekozen voor

deze zware taak, zonder dat men weet krachtens welke regelen, noch door

wien, noch hoe. Kalm en onwankelbaar volharden zij daarin, en hoewel ik

er verscheidene malen de proef van heb genomen door met een kleurrijk

poeder eenige dezer lijdelijke "asschepoestertjes" te bestrooien, die

men onder dit feestelijk troepje vrij gemakkelijk herkent aan hun

plechtigen en eenigszins zwaren gang, zeer zelden heb ik er een

aangetroffen onder de opgewonden menigte der zwermende bijen.

Het leven der bijen · 第 34 / 136 题