Waarin een nieuw efect aan de Londensche Beurs komt.
Toen Phileas Fogg Londen verliet, dacht hij zeker niet dat zijn vertrek
zulk een opzien zou baren. Eerst bracht het verhaal der weddenschap
eene ware gisting te weeg onder de leden der Reform-club; vervolgens
plantte zich die beweging voort door de dagbladen en correspondentiën
tot het londensche publiek en al de inwoners van het gansche Vereenigde
Koninkrijk. De reis om de wereld werd besproken, betwist, ontleed, met
zooveel hartstocht en ijver, alsof er sprake was van eene nieuwe
Alabama-quaestie.
De een was de partij van Phileas Fogg toegedaan, de ander—en deze had
weldra verreweg de meerderheid—was tegen hem. Een reis om de wereld in
tachtig dagen was goed in theorie en op papier; in dat minimum van
tijd, met de middelen van aansluiting, die tegenwoordig in gebruik
waren, was zij niet alleen onmogelijk, maar onzinnig.
De Times, de Standard, de Eveningstar, de Morning Chronicle en twintig
andere bladen, die veel gelezen werden, verklaarden zich tegen den heer
Fogg. Alleen de Daily Telegraph was tot op zekere hoogte van zijne
meening.
Phileas Fogg werd voor dwaas, buitensporig, ja gek verklaard, en in
zijn medeleden van de Reform-club werd het zeer afgekeurd dat zij zulk
eene weddenschap hadden aangenomen, die duidelijk een verzwakking van
Fogg’s geestvermogens verried.
Zeer heftige, maar logische artikels verschenen over deze quaestie. Men
weet dat Engeland in alles, wat met aardrijkskunde in verband staat,
steeds veel belang stelt. Daar was dan ook geen lezer, tot welken stand
hij behoorde, die niet de kolommen, welke over de zaak van Phileas Fogg
handelden, verslond.
In de eerste dagen waren eenige vermetelen, hoofdzakelijk vrouwen, op
zijne hand, vooral toen de Illustrated Londen News zijn portret uitgaf
naar de photografie die in de archieven van de Reform-club bewaard
werd.
Eenige heeren durfden zeggen:—Wel zeker, waarom niet? Men heeft toch
nog wel buitengewoner dingen gezien! Dit waren vooral de lezers van de
Daily Telegraph. Maar men zag al spoedig dat dit blad zelf begon te
wankelen.
En waarlijk, den 7en October verscheen er in het maandschrift van het
Koninklijk Aardrijkskundig genootschap een artikel dat de quaestie uit
verschillende oogpunten behandelde en zonneklaar bewees dat deze
onderneming dwaasheid was. Volgens dit artikel was alles in het nadeel
van den reiziger, zoowel de hinderpalen, die de menschen, als die,
welke de natuur tegen de verwezenlijking van zijn plan zouden opwerpen.
Om in dit plan te slagen, moest men een wonderdadigen samenloop
aannemen van de uren van vertrek en aankomst, een samenloop die niet
bestond en die niet bestaan kon.
Waar alles zeer nauwkeurig is ingericht als in Europa, dat men in
betrekkelijk korten tijd doorreist, daar kan men rekenen op de stipte
aankomst der treinen; maar wanneer men slechts drie dagen heeft, om van
het eene eind van Indië naar het andere te komen en acht dagen voor de
Vereenigde Staten, kon men dan staat maken op de elementen van zulk een
vraagstuk? En dan nog de ongelukken, die aan de machines konden
overkomen, het derailleeren, de botsingen, het slechte weder, de
ophooping van sneeuw, was dat alles niet tegen den heer Fogg? Zou hij
niet gedurende den winter op de mailbooten blootgesteld zijn aan
stormen en zware mist? Is het dan zoo zeldzaam dat de beste
Transatlantische booten dikwijls een oponthoud hebben van twee of drie
dagen? Er was maar eene vertraging noodig, en de geheele keten van
aansluiting was onherstelbaar verbroken. Zoo Phileas Fogg slechts
eenige uren te laat kwam voor éen mailboot, zou hij immers moeten
wachten tot de volgende vertrok, en zelfs door dit kleine oponthoud zou
zijne reis onherroepelijk mislukt zijn. Dit artikel maakte veel opgang.
Bijna alle bladen namen het over, en de acties „Phileas Fogg” daalden
geducht.
Gedurende de eerste dagen na het vertrek van den gentleman, waren er
groote zaken gedaan tusschen hen, die aan het welslagen van zijne
onderneming geloofden of twijfelden. Men kent de buitensporigheid der
Engelschen in het wedden. Op dat gebied zijn zij nog veel
hartstochtelijker en standvastiger dan de spelers op het hunne. Wedden
is een eigenschap van het engelsche karakter. Niet alleen gingen dan
ook verschillende leden der Reform-club aanzienlijke weddenschappen
aan, maar het groote publiek deed hetzelfde. Phileas Fogg werd als een
wedrenpaard ingeschreven in een soort van studbook. Men maakte van hem
een beurs-effect, dat terstond getaxeerd werd. Men vroeg en bood
„Phileas Fogg’s” aan en deed er ontzaglijke zaken in. Maar vijf dagen
na zijn vertrek en na het artikel van het Maandschrift van het
Aardrijkskundig Genootschap begonnen de aanbiedingen de overhand te
nemen. De „Phileas Fogg’s” daalden. Men bood ze met stapels aan. Eerst
werden zij genomen vijf voor een, toen tien, en nu nam men ze niet dan
twintig, vijftig, en eindelijk honderd voor een.
Slechts éen aanhanger bleef hem getrouw, het was de lamme lord
Albemarle. Deze achtenswaardige gentleman vastgenageld aan zijn stoel,
had wel zijn geheele fortuin willen geven om een reis om de wereld te
doen, al was het ook in tien jaar, en wedde vijf duizend pond sterling
voor Phileas Fogg. Wanneer men hem de dwaasheid en het nuttelooze
tevens van het plan onder de oogen bracht, antwoordde hij eenvoudig:
Zoo de zaak uitvoerbaar is, dan is het goed dat een Engelschman haar
het eerste volbrengt.
De voorstanders van Phileas Fogg verminderden hoe langer hoe meer;
iedereen, en niet zonder reden, was tegen hem; men nam hem niet dan
tegen honderdvijftig, à twee honderd voor één, totdat zeven dagen na
zijn vertrek er iets geheel onverwachts gebeurde, hetwelk oorzaak was,
dat men hem in het geheel niet meer nam.
In den loop van dien dag ten negen ure des avonds, ontving de directeur
van politie in de hoofdstad een telegram van den volgenden inhoud:
„Van Suez naar Londen.
„Rowan, directeur van politie, hoofddirectie Scotlandplace.
Ik volg dief Bank, Phileas Fogg. Zend onmiddellijk bevel tot
inhechtenisneming naar Bombay (Engelsch Indië).
Fix, detective.”
De uitwerking van dit telegram liet zich terstond gevoelen. De algemeen
geachte gentleman verdween eensklaps om plaats te maken voor den dief
der banknoten. Zijn photographisch portret, dat met die van al zijn
medeleden, in het archief berustte, werd vergeleken. Trek voor trek gaf
het den man weer, wiens signalement bij het ingestelde onderzoek was
opgemaakt. Men herinnerde zich al het geheimzinnige van Phileas Fogg’s
leven, zijne afzondering, zijn plotseling vertrek, en het was boven
allen twijfel verheven, dat deze persoon, onder voorwendsel dat hij een
reis om de wereld ging maken, die op eene onzinnige weddenschap
berustte, geen ander doel had gehad dan de engelsche politieagenten van
het spoor te leiden.