Als iemand de vallende ziekte heeft, doet men den toovenaar komen. Hij
opent zijn zak toovermiddelen, terwijl men hem drie keeren negen
mitakos geeft.
Men gaat een kieken halen, men snijdt het den hals af, en hij doet het
bloed op het toovermiddel loopen. Hij beveelt het hart van 't kieken in
te slikken. Als de zieke 't hart heeft ingeslikt, neemt de toovenaar
een flesch palmwijn, en hij geeft den zieke te drinken. Daarna laat
hij 't toovermiddel aan den zieke rieken.
Men bereidt 't kieken in een pot boven 't vuur. Hij vervaardigt
een kruis met twee stokjes, en met dit kruis neemt hij een stuk
maniokbrood, en hij geeft den zieke te eten. Als hij drie keeren geëten
heeft, dan verdeelt men 't kieken onder de aanwezigen. Men geeft den
toovenaar een jong kieken, waarmee hij dan zieke bestrijkt. Daarna
regelt men het toovergeld: drie keeren negentig mitakos. Als hij deze
drie keeren negentig mitakos gekregen heeft, dan zegt hij het verbod:
Kiekens, dat hij ze niet ete. Vogels, die in de lucht opstijgen,
dat hij ze niet ete. Sprinkhanen, dat hij ze niet in zijn huis doe,
waar hij slaapt. Geitenvleesch, dat hij het niet ete. Als men hem
's nachts roept, dat hij niet antwoorde.
Daarna vertrekt de toovenaar.
Als de zieke een stukje geitenvleesch eet, dan komt de ziekte
terug. Men gaat den toovenaar verwittigen, dat hij het verbod weer
komt zeggen. Als hij komt, moet men boete betalen, omdat de zieke
het verbod overtreden heeft. Men geeft den toovenaar palmwijn, en
driemaal negen mitakos.
Dan heelt hij den zieke weer. Dan zegt hij het verbod: Dat hij geen
geitenvleesch ete, en al de zaken, die ik de eerste maal heb verboden.
En de toovenaar vertrekt.
Indien de zieke genezen is, doet men den toovenaar komen. Men haalt
een kieken, en al de zaken die hij gezegd had in 't verbod. Men geeft
alles aan den toovenaar. Hij bereidt alles, en dan spijst hij den
zieke en de aanwezigen.
Hij stelt het toovergeld, en men geeft hem drie of vier frank. Als
hij het geld ontvangen heeft, dan legt hij een beetje assche op de
tong van den zieke, die het moet inslikken.
Daarna is 't heelen gedaan en de toovenaar gaat terug naar zijn dorp.
Songia.