[G] Noot van den zetter: »Jawèl! Wees gerust!«
En, indien gij er toch achter mocht komen, dan wil ik hieraan toevoegen,
dat het geen traan van zelfbeklag of weeklijkheid was, verre van dien.
Het was een gelegenheidstraan!
Zooeen van de soort, waarvan tante Adolphine er 10 à 11 storten zal op
het oogenblik, dat ik, geheel toegerust, in haar auto zal wegrijden.
Een afscheidstraan van Amsterdam, zooals iedere handelsreiziger er 365
per jaar schreit.
Want Amsterdam en hare behagelijke kazerne is mij zoo lief geraakt; men
zegt wel eens, dat het hôtelleven iemand onhuiselijk maakt.
Mijne ervaring is geheel tegengesteld aan dat begrip.
[Illustratie]
O! ik weet zeker, dat ik mij direct thuis en behagelijk zal gevoelen in
Klei-lust... ik zal er een tuintje aanleggen, om tegen het volgend
voorjaar elken morgen radijsjes aan het ontbijt, en 's avonds geregeld
asperges aan het diner te hebben....
Ik ga een kip houden, en snoeken visschen....
En den geheelen winter exerceeren....
Lezer, ik beloof u geregeld te zullen schrijven over mijn wintersport.
Daar is tante Adolphine's chauffeur.... hij moet vragen of mijnheer zijn
ski's en schaatsen mee wil nemen, en dat mijnheer zijn overschoenen niet
vergeten moet.... Ik zal hem uitsturen om _nòg een doos insectenpoeier_
te halen, en _een pakje B. Z. K. pruimtabak_....