Behandelingen, welken de Indianen in Fransch Guiana ondergaan
hebben.--Middelen om hun voor de Völkplanting nuttig te maken.
In het begin, toen de Franschen zig in Guiana nederzetteden, stelde
men de Indianen in eenen staat van slavernye, en maakte hen tot een
voorwerp van koophandel. De Regeering dit hatelyk misbruik verboden
hebbende, zoo dra zy daar van kennis kreeg, deedt men het zelfde ten
aanzien van de Indianen, die uit de Binnen-Landen kwamen, en aan andere
Europeesche volken toebehoorden. Wanneer eindelyk dit laatste middel
door gestrenge verbonden ontnomen wierd, veröorloofden zig de blanken,
van het vertrouwelyk character der Indianen, en hunne geneigdheid
tot sterke dranken, misbruik makende, om dezelven, gedeeltelyk met
hunne toestemming, gedeeltelyk met geweld, tot arbeid en diensten te
gebruiken, waar voor zy hun zeer slegt betaalden.
Wanneer middelen van overreding daar toe niet meer hielpen, stelde
men beveelen van de Regeering of Bevelhebbers in de plaats. Door een
gebruik, het welk eenigermaten tot een wet geworden was, bestond het
loon, het welk deeze arme Indianen voor een maand arbeids genoten,
in anderhalf el van eene grove roode stof, die men hun voor zes
livres aanrekende.
De Gouverneurs noodzaakten de sterkste manspersoonen van dit
merkwaardig volk tot lange en moeijelyke diensten, tot jagen en
visschen, ten behoeven van de Opperhoofden der Volkplanting.
Hier van was het gevolg, dat deeze ongelukkigen, die, om van hun
onderhoud zeker te zyn, geduurende het goede jaargetyde hadden
behooren te arbeiden, naar hunne woonplaatsen te rug keerden op een
tyd, dat zy zig tot deezen zoo hoognoodigen arbeid niet meer begeven
konden. By hunne aankomst vonden zy dikwils hun huisgezin ten prooy
van hongersnood, of ten minsten half vervallen. Wanhoop, ellende,
slecht voedzel, het welk men zomtyds aan de beesten niet gegeeven
zoude hebben, deeden hen eindelyk sneeven.
Zulk eene verkeerde handelwyze had tot haaren grondslag het vooröordeel
van de meeste blanken, die verönderstelden, dat deeze Indianen een
slag van menschen waren, verre beneden hun, en geschikt, om aan hun
onderworpen te zyn. Dit ongerymd denkbeeld was strydig met de beveelen,
welken de Regeering ten deezen opzigte altyd gegeven heeft. Dezelve
had de Indianen voor vrye menschen verklaard, die met de blanken gelyk
stonden; en nimmer hebben de voornaamste en gegoedste inwooners eenig
vooröordeel gehad, tegen de huwelyks verbintenissen met Indiaansche
vrouwen, noch tegen de kinderen, die daar uit geboren werden, en van
de Europeesche in 't minst niet onderscheiden zyn.
Zy, die binnen 's Lands, uit hoofde van hunne posten, deeze
buitensporigheden behoorden tegen te gaan, waren 'er dikwils zelve
schuldig aan, of ten minsten zy gedoogden dezelven. Zulk een gedrag
heeft ongevoelig den ondergang of de verhuizing van een groot getal
Indianen veroorzaakt. Alle de landstreeken in de nabuurschap onzer
bezittingen gelegen, zyn 'er thans door ontvolkt
De Burger LESCAILLIER, van wien wy deeze byzonderheden ontleenen,
stelt zig zelven de vraag voor, of men het ongeluk van deeze volken
niet berokkenen zoude, door hen in de zelfde maatschappye met ons
te doen leven, en onze zeden en gebruiken te volgen? Hy antwoordt
neen, mits men hun op eene rechtvaardige wyze behandelde. Door hen
te beschaven, en in gemeenschap met de blanken te brengen, zeg hy,
zal men den haat en de jaloersheid uitdooven, die de verschillende
Indiaansche volken verdeelen; men zal hen allen, ten langen lesten,
tot een eenig volk zamen smelten. Men zal de vooroordeelen, die hun
verblinden, doen verdwynen. Zy zullen het zeker vooruitzicht hebben
op een bestaan, het welk, in hunnen tegenwoordigen staat, maar al ta
dikwils wisselvallig is.
By de voortbrengzels, die het Land van zelf oplevert, zullen zy
die geenen voegen, welken de arbeid hun in meerder overvloed en
volkomenheid bezorgt. Tegen verruiling van hunne waaren, zullen zy zig
gereedschappen, gewerkte stoffen, koopwaaren aanschaffen, waar van zy
nu, of in 't geheel niet, of slechts gebrekkig voorzien zyn. Men zal
voor al zorge dragen, om hun vee van allerleije zoort te beschikken,
waar voor zy het noodig voedzel verkrygen zullen, door, na het omhakken
der bosschen, weilanden aan te leggen, Door onder dit volk werkzaame
blanken te vermengen, zal men hun den landbouw, de handwerken en de
noodzakelykste konsten der Europeanen leeren. Eenige weinige jaaren
zullen voldoende zyn, om deeze kwalyk bestuurde, en zoo lang verachte,
landstreek van gedaante te doen veranderen,
De straks genoemde Bestuurder had eenigen van deeze middelen beproefd,
en daar van reeds blykbaare uitwerkingen bespeurd.
De Indianen, die onder de zendelingen van Macary waren ingelyfd, hadden
levensmiddelen, catoen, tabak, voortgeteeld. Zy hadden gezouten visch,
maniok meel, (couac,) tabak in carotten, op de Brazilsche manier, in
de hoofdplaats aangebragt: wel is waar, in eene kleine hoeveelheid,
maar genoegzaam, om daar van voor het vervolg goede gedachten te
vormen. De meesten droegen kleederen en schoenen naar de manier
der blanken, wier taal zy ook spraken. De vyf Hoofd-Capitains, of
Opperhoofden van dit Gewest, beesten gevraagd hebbende, om aan te
kweeken, deedt men 'er hun eenigen toekomen.
Die van Conani bereikten byna denzelfden trap van beschaafdheid.
De Indianen van de Rivier Aprouago, ten getale van twaalf honderd,
hebben dezelfde vorderingen gemaakt. Zy hebben gebruik gemaakt van
de volkomene vryheid, die hun, met opheffing van alle diensten, was
te rug gegeven, en zy hadden reeds regelmatig aangelegde Catoen- en
Koffy-Plantagiën tot hun eigen onderhoud. Eene aanmerkelyke verhuizing
van Indianen uit de Binnen-Landen, door het zagter Regeerings-bestuur,
het welk ten aanzien deezer volken meer en meer werd in acht genoomen,
uitgelokt, vermeerderde het getal der inwooners in den omtrek der
Rivier Aprouage.
De Indianen, by de Rivier Kaw woonende, ten getale van meer dan
vyftig, hadden insgelyks zeer fraaije beplantingen. Zy hadden ook
het voornemen, om beesten te weiden.
Van de Rivier Kaw, tot aan de Rivier Kourou, vindt men geen enkelen
Indiaan. By de laatstgemelde waren twee bevolkingen, uit omtrent
zestig persoonen bestaande, zynde het ongelukkig overschot van een
zeer groot aantal, die voor de rampzalige volkplanting, in 't jaar
1763 ondernomen, in dit gedeelte gevonden werden.
Een Planter, genaamd TERRASON, en woonende te Carouabos, omtrent twee
en een halve myl onder den wind van Kourou, heeft in zyne nabyheid
een klein Indiaansch volk by elkander verzameld, en eenigermaten tot
zyn eigen aangenomen. Hy heeft hen tot den landbouw aangemoedigd. Hun
eenig denkbeeld van onze genietingen gevende, heeft hy hun geleerd
zig dezelven door hunnen arbeid aan te schaffen. Hy heeft hen vooral
onderwezen in de konst van beesten te weiden, eene konst, waar van
hy hun alle de voordelen geleerd heeft.
De Indianen van de landstreek van Siniamary zyn, even als de anderen,
van alle slaafsche diensten omtrent de blanken vry gesteld. Zy
hebben beplantingen aangelegd, waar toe men hun eenige gereedschappen
geschonken heeft.
Anderen van dezelfde nabuurschap hebben om beesten verzogt, Zy
waren daar toe, zoo door de Regeering zelve, als door het voorbeeld
der Indianen van Iracoubou, die tien koeyen en een stier ontvangen
hadden, uitgenoodigd. Men bezorgde hun, twee maanden lang, iemand,
die hun in het oppassen van hun vee onderrigtte. Dezelfde persoon
moest zig van tyd tot tyd vervoegen by de andere Indianen, die zig
op de veefokkerye toeleiden.
Men oordeelde het nuttig te zyn, om in het gedeelte, dat onder den wind
gelegen is, te Mana en te Marony, twee bevolkingen aan te leggen, en
daar door eene verzameling van Indianen van geregelde levens-manieren
te maken. Behalven de oogmerken van burgerlyke beschaving en
bebouwing der landen, stelde men een geschikt Opperhoofd aan, om deeze
Indiaansche volken te bestuuren, daar mede bedoelende, om met hun in
door hun bewerkte goederen handel te dryven, en hunne geduurige reizen
naar Surinamen voor te komen, van waar zy de benoodigde koopwaren by
verkiezing gingen halen, niet alleen om dat zy 'er digter by woonen,
maar vooral, om dat zy dezelven aldaar van betere zoort vinden.
Door deeze middelen, en eene aanhoudende oplettendheid, kan men den
algemeenen welvaart van eene Volkplanting bevorderen, die al den
aandacht der Regeering verdient. De volkrykheid der aldaar woonende
Indianen zal van zelve vermeerderen. Hun voorbeeld zal uit de
Binnen-Landen, zelfs uit die streeken, welke buiten onze grenspalen
gelegen zyn, verscheiden van hunne nabestaanden en bondgenooten
lokken; iets, waar mede zy zig reeds beginnen bezig te houden. Een der
Capitains had het ontwerp gevormd, om naar Hollandsch Guiana te gaan,
en zelfs tot aan de Rivier Orenoco, van waar hy dagt verscheiden
Indianen, zyne nabestaanden of vrienden zynde, mede te brengen,
door hun berigt te geven van de manier, op welke zy by de Franschen
werden aangemoedigd.
Het oogmerk van den meergemelden Bestuurder was bovendien, om
dit volk door huwelyken met de blanken tot eene gemengde zoort te
maken, en die huwelyken te bevorderen, zoo dikwils hy onder hun een
vlytig en braaf man, die in eene Indiane zin had, gevonden zoude
hebben. Insgelyks zoude hy Indianen hebben laten trouwen met blanke
vrouwen, die van goede zeden en arbeidzaam waren. Men zoude aan de
mannen landeryen, en aan de vrouwen gereedschappen, werktuigen tot
den landbouw behoorende, beesten, en dingen van de eerste behoefte,
tot eene huwelyks-gift gegeven hebben. "Geduurende het kort verblyf,
door my in deeze Volkplanting gehouden, zegt de Burger LESCAILLIER,
heb ik slechts twee van deeze huwelyks verbintenissen kunnen beproeven,
die my zyn toegeschenen volmaakt gelukt te zyn." [88]
Op die wyze zoude men uitgestrekte Landen, die, tot hier toe, byna
geheel aan de Natuur waren overgelaten, in gelukkige, volkryke
en wel bebouwde Landstreeken, hervormd zien. Het Fransche volk,
wiens bezittingen in Guiana niet meer dan groote woestenyen zyn,
zoude in de daad eigenaar worden van een Land, byna zoo uitgestrekt,
als Frankryk zelve. Het zoude eene talryke bevolking tot zig trekken,
bestaande uit eene zoort van inboorlingen, hoedanigen men in geene
van onze andere Volkplantingen ontmoet.